Wrakingsverzoek Openbaar Ministerie in strafzaak Full Sutton afgewezen

Achtergrond van de zaak
De onderliggende strafzaak Full Sutton gaat over mondkapjesdeals die de verdachten hebben gesloten met onder meer het Ministerie van VWS. Naast de strafzaak loopt een aparte raadkamerprocedure. Daarin beoordeelt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. klachten over de omgang met vertrouwelijke informatie in het dossier, zoals communicatie tussen advocaat en cliënt die onder het verschoningsrechtHet recht dat een getuige op grond van zijn familierelatie met de verdachte of op grond van zijn beroep heeft om vragen van de rechter onbeantwoord te laten. Een getuige mag zich ook verschonen van het geven van een antwoord als hij zichzelf daardoor zou belasten. kan vallen. Hierbij wordt gekeken of opsporingsinstanties bijvoorbeeld toegang hebben gehad tot stukken die normaal vertrouwelijk blijven. De uitkomst van deze procedure kan belangrijke gevolgen hebben voor het verdere verloop van de strafzaak.
Aanleiding voor het wrakingsverzoek
Het wrakingsverzoek volgde op opmerkingen die de voorzitter van de raadkamer1. Rechterlijk college dat strafzaken behandelt waarvoor in de regel geen openbare zitting is voorgeschreven. Denk bijvoorbeeld aan klachten niet-vervolging (het hof oordeelt dan over de vraag of een verdachte moet worden vervolgd als het OM daartoe niet besluit). 2. Onderling beraad tussen de rechters die een zaak behandelen na de zitting om de uitspraak vast te stellen. maakte tijdens een zitting op 3 december 2025. Volgens het OM wezen deze opmerkingen op vooringenomenheid over gevoelige kwesties, zoals de hoeveelheid geheimhouderstukken op computers van een verdachte en het handelen van de FIOD.
Ook opmerkingen vlak voor en na het beraad, zoals dat de voorzitter “er wel uit was” en dat hij goed naar een advocaatRaadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat is lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. had geluisterd, wekten volgens het OM de indruk dat beslissingen al vaststonden. Omdat de raadkamerprocedure en de strafzaak nauw met elkaar samenhangen, vreesde het OM dat dit de strafzaak zou beïnvloeden.
Beoordeling door de wrakingskamer
De wrakingskamer benadrukt dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn. Alleen bijzondere omstandigheden die duidelijke aanwijzingen geven voor (de schijn van) partijdigheid, kunnen dat vermoeden doorbreken.
Uit het proces-verbaal1. Schriftelijk verslag van hetgeen op rechtszittingen aan de orde is gekomen; 2. Officieel schriftelijk verslag van politieambtenaren met feiten die ze hebben waargenomen en met een verklaring die ze hebben opgetekend uit de mond van een verdachte of getuige. blijkt dat de voorzitter een actieve en onderzoekende rol had. Hij stelde kritische vragen, verkende scenario’s en besprak zijn voorlopige zienswijzen. Tijdens die discussie maakte hij opmerkingen zoals dat er “veel” geheimhouderstukken op de computers aanwezig waren en dat je je soms afvraagt of sprake was van onhandig of bewust handelen van de FIOD. De wrakingskamer oordeelt dat de voorzitter hiermee de grens heeft opgezocht, maar dat geen sprake is van een blijk van vooringenomenheid. De opmerkingen moeten in de context van de hele zitting worden geplaatst en passen bij de vrijheid die de rechter ter zitting heeft.
Ook opmerkingen voorafgaand aan het beraad, zoals dat hij “er wel uit was” en dat hij goed naar de advocaat had geluisterd, duiden niet op vooringenomenheid. Een rechter mag dit zeggen. Hij zei niet wat dat oordeel was. Het definitieve oordeel wordt pas genomen in het besloten beraad van de gehele raadkamer.
Andere opmerkingen die tijdens de behandeling van de wrakingVerzoek aan de rechtbank om een rechter in een bepaalde zaak te vervangen, omdat hij partijdig zou zijn. werden aangehaald, beschouwt de wrakingskamer als nadere toelichting op het oorspronkelijke verzoek. Een opmerking over voorafgaand contact met een advocaat werd gezien als nieuwe wrakingsgrond en bleef buiten beschouwing, omdat deze niet tijdig was ingediend.
Beslissing
De wrakingskamer concludeert dat de aangevoerde omstandigheden, zowel afzonderlijk als in samenhang bekeken, geen objectief gerechtvaardigde reden geven om te vrezen dat de rechters vooringenomen zijn. Het wrakingsverzoek wordt daarom afgewezen. De raadkamerprocedure en de strafzaak Full Sutton worden voortgezet door dezelfde rechters.