Terneuzenaren vrijgesproken van poging tot moord
Steek- en schietpartij
Op 30 november 2014 waren de 38-jarige verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. en het slachtoffer van de latere schietpartij betrokken bij een incident in het uitgaansgebied van Terneuzen. Na een woordenwisseling werd het slachtoffer door de verdachte in de nek gestoken met een mes. Voor dat feit wordt de verdachte door de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. veroordeeld wegens poging tot doodslag. Het slachtoffer kwam er destijds met lichte verwondingen van af. Op 16 december werd hij in Terneuzen opgewacht door twee mannen die hem meerdere malen in de rug schoten. Het slachtoffer raakte hierdoor permanent verlamd. In zijn verklaringen gaf hij aan dat hij de twee verdachten had herkend als de daders.
Gebrek aan bewijs
In het dossier wordt deze verklaring echter niet ondersteund door aanvullend bewijsEen document of stuk dat een standpunt ondersteunt.. Er is geen forensisch bewijs dat de verdachten aanwijst als de schutters: DNA-onderzoek leverde niets op. Ook de verklaringen van getuigen en de WhatsApp-berichten van de verdachten in de periode van de schietpartij bevatten onvoldoende aanwijzingen voor hun betrokkenheid. Vandaar dat de rechtbank niet meegaat in de eis van de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is., die celstraffen van 16 en 13 jaar had geëist.
Andere feiten
De rechtbank acht wel wettig en overtuigend bewezen dat de 38-jarige verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan poging tot doodslagHet iemand van het leven beroven zonder dat sprake is van een van tevoren beraamd plan. Wel moet er opzet in het spel zijn, want anders is het hoogstens dood door schuld. De maximumstraf voor doodslag is vijftien jaar gevangenisstraf. Zie ook: Moord. tijdens de steekpartij in november 2014. Hij krijgt daarvoor anderhalf jaar gevangenisstraf. De 26-jarige medeverdachte moet voor een half jaar de cel in omdat in februari 2015 een verboden vuurwapen in zijn woning werd aangetroffen.