Uitspraken in strafzaken - december 2022
Man krijgt 10 jaar cel voor doodschieten ex-zwager

Een 38-jarige man die op 14 november 2021 zijn ex-zwager doodschoot op een woonwagenkamp is veroordeeld tot een gevangenisstraf van 10 jaar. Op de fatale dag hing er spanning in de lucht tussen het slachtoffer en zijn ex-vrouw. Zij stonden buiten de woning te praten, toen de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. gewapend naar buiten kwam en achter zijn zus ging staan. Het gesprek tussen het slachtoffer en zijn ex-vrouw raakte verhit en liep steeds verder op. De verdachte duwde op een gegeven moment zijn zus weg en ging voor het slachtoffer staan. Vervolgens schoot hij van korte afstand 5 keer snel achter elkaar op het bovenlichaam van het slachtoffer. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is van oordeel dat er geen sprake was van een situatie waarin de verdachte zich moest verdedigen (noodweer), zoals de verdediging stelde. Hij heeft zich schuldig gemaakt aan het opzettelijk, maar niet met voorbedachte rade, beroven van het leven van het de ex-man van zijn zus.
Lees hier het volledige persbericht en de uitspraak:
Man krijgt 10 jaar cel voor doodschieten ex-zwager ECLI:NL:RBZWB:2022:7599Taakstraf voor sturen van naaktfoto’s naar minderjarige
Een 38-jarige man heeft twee keer een naaktfoto van zichzelf gestuurd naar een meisje van 15, met wie hij een vertrouwensrelatie had. Zulke afbeeldingen zijn mogelijk schadelijk voor de ontwikkeling van jeugdigen en zij moeten hier dan ook voor beschermd worden. Met dit gedrag heeft hij de grenzen van het al kwetsbare meisje overschreden en dat neemt de rechtbank hem kwalijk. Bij het bepalen van de straf houdt de rechtbank er wel rekening mee dat de verdachte lijdt aan een vorm van autisme. De indruk die deze zaak op hem heeft gemaakt, zorgt er volgens de reclasseringInstelling die het herintreden in de maatschappij van veroordeelden wil bevorderen. Geeft ook voorlichting aan de rechter over de persoon van de verdachte. voor dat het herhalingsgevaar laag tot matig is. De rechtbank legt de man een taakstraf op van 50 uur. Namens het meisje werd ook een schadevergoeding van bijna 5.000 euro gevorderd wegens onder meer psychische schade. Het is onduidelijk of de schade alleen het gevolg is van het sturen van de foto's. Daar zou nader onderzoek naar moeten plaatsvinden. De rechtbank vindt het te ver voeren om de strafzaak daarvoor uit te stellen en heeft geoordeeld dat ze de vordering daarom bij de civiele rechter kan indienen, zodat die rechter over de vordering kan oordelen.
Lees de volledige uitspraak:
ECLI:NL:RBZWB:2022:7926
Man maakt nepaccounts aan op naam van zijn vriendin: taakstraf en voorwaardelijke gevangenisstraf
Gedurende een periode van 4,5 jaar heeft een 25-jarige man zich schuldig gemaakt aan identiteitsfraude. Hij maakte nepaccounts op onder andere Tinder, Snapchat en Instagram op naam van zijn vriendin zonder dat zij dat wist. Hij gebruikte niet alleen haar foto’s, maar ook persoonlijke informatie die alleen hij kon weten. Op die manier had hij via die accounts chatgesprekken met mensen waarbij hij zich voordeed als zijn vriendin. Zij werd daardoor regelmatig aangesproken door mannen, online en in het echt, die in de veronderstelling waren dat ze via andere platforms contact met haar hadden gehad. Ze durfde zich daardoor niet goed meer in het openbaar te vertonen en ging bijvoorbeeld niet meer naar de kroeg of uit eten. Het was dan ook een enorme schok voor de vrouw toen het haar eigen vriend bleek te zijn die haar al die tijd voor de gek had gehouden. Op de vraag waarom hij het gedaan heeft, wetende dat zij hier zoveel last van had, is geen duidelijk antwoord gekomen. De man krijgt de maximale taakstrafWerkstraf van 240 uur en een voorwaardelijke gevangenisstraf van 6 maanden met een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van twee jaar. Tijdens de proeftijd moet de man zich laten behandelen bij een forensische psychiatrische polikliniek en mag hij geen contact hebben met het slachtoffer. Ook moet hij in contact blijven met de reclassering. Als hij daar niet aan voldoet, of als hij opnieuw een strafbaar feit pleegt, moet hij alsnog de 6 maanden zitten.
De rechtbank heeft verder beslist dat de man een schadevergoeding van 5.649,41 euro moet betalen aan het slachtoffer, waarvan 5.000 euro door de psychische schade die ze heeft opgelopen.
Lees de volledige uitspraak:
ECLI:NL:RBZWB:2022:7743
Taakstraf voor penningmeester die geld verduisterde
Een 51-jarige vrouw heeft in een periode van 10 jaar een bedrag van ruim 130.000 euro verduisterd. Dit geld beheerde zij als penningmeester voor een stichting voor basisschoolkinderen. Het doel van deze stichting is dat kinderen tijdens de pauzes tegen een kleine vergoeding op school kunnen overblijven. De vrouw maakte zonder toestemming geld, gedoneerd door ouders aan de stichting, over naar haar eigen rekening en gebruikte dat onder andere voor vakanties, lingerie en autorijlessen. De rechtbank neemt het de verdachte kwalijk dat de zij niets gedaan heeft om hiermee te stoppen. Haar financiële situatie uit het verleden heeft volgens de reclassering een rol gespeeld bij de verduistering. Eerder in haar leven heeft de vrouw dusdanig hoge schulden gehad dat zij in de schuldsanering terecht kwam en dit wilde ze niet nog een keer meemaken. Daarnaast raakte haar man werkeloos en een tijd later volgde een echtscheiding. Dit zette de financiële situatie van de verdachte opnieuw onder druk. De rechtbank vindt een taakstraf van 240 uur passend. Daarnaast legt de rechtbank als stok achter de deur een voorwaardelijke gevangenisstraf op van 6 maanden met een proeftijd van 3 jaar. Het verduisterde geld, ruim 130.000 euro, moet ze ook terugbetalen.
Lees de volledige uitspraak:
ECLI:NL:RBZWB:2022:7945
ISD-maatregel voor man die liter GHB bij zich had
In de zomer van 2022 trof een conducteur een man aan in de trein, vermoedelijk onder invloed, die zich recalcitrant gedroeg nadat hij aangesproken werd. Toen politieagenten hem fouilleerden, op zoek naar zijn identiteitsbewijs, stuitten zij op een plastic tas met daarin een literfles gevuld met GHB. Een verdovend en sterk verslavend middel. De verdachte kampt al jarenlang met een drugsverslaving en ADHD. Ook heeft hij geen dagbesteding en sociaal netwerk. Ondanks de inzet van de reclassering en andere instanties is het de man vanwege zijn zorgmijdende houding de afgelopen jaren niet gelukt om geen strafbare feiten te plegen en geen drugs te gebruiken. De rechtbank is op grond van de bevindingen van de reclassering van oordeel dat het opleggen van een ISD-maatregel noodzakelijk is. Dat betekent dat de verdachte voor 2 jaar in een speciale gevangenis, gericht op voor stelselmatige daders, wordt geplaatst. Gedurende die twee jaar kan een veroordeelde onder meer behandelingen en trainingen volgen zodat hij na afloop van de maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer. de maatschappij niet meer belast met het steeds weer plegen van strafbare feiten.
Lees de volledige uitspraak:
ECLI:NL:RBZWB:2022:7930
Officier van justitie niet ontvankelijk verklaard
De rechtbank heeft op 5 december 2022 in 5 zaken de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. niet-ontvankelijk verklaard in de vervolging van de verdachten. De verdachten werden door het openbaar ministerie onder andere verdacht van bodem en/of luchtvervuiling. De redelijke termijn voor de behandeling van een zaak (24 maanden) was in deze 5 zaken aanzienlijk overschreden, namelijk met 68 maanden. De rechtbank heeft gelet op het uitgangspunt van de Hoge Raad, namelijk dat overschrijding van de redelijke termijn niet tot een niet-ontvankelijkverklaring van de officier van justitie leidt. In dit geval is de rechtbank echter van oordeel dat deze overschrijding zodanig is, dat die niet te compenseren is met strafvermindering omdat door de overschrijding de beginselen van een behoorlijke procesorde geschonden zijn. Ook houdt de rechtbank er rekening mee dat de officier van justitie zelf de niet-ontvankelijkheid heeft gevorderd en hij met de verdachten inmiddels tot een afdoeningsvoorstel is gekomen.
Lees de volledige uitspraken:
ECLI:NL:RBZWB:2022:7226
ECLI:NL:RBZWB:2022:7235
ECLI:NL:RBZWB:2022:7232
ECLI:NL:RBZWB:2022:7231
ECLI:NL:RBZWB:2022:7230