Breda|

Verdachte van dodelijk verkeersongeval in Tilburg blijft langer in voorarrest

De strafraadkamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft beslist dat een 22-jarige verdachte nog 90 dagen in voorarrest blijft zitten. Het Openbaar Ministerie verdenkt deze man uit Rotterdam van betrokkenheid bij een dodelijk verkeersongeval op de Besterdring in Tilburg op 30 mei 2022.

Rechter-commissaris

Eind mei 2022 werd de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. door de politie aangehouden. Omdat de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. vond dat de verdachte langer in voorarrest moest blijven, werd hij op 2 juni voorgeleid aan de rechter- commissaris. Een rechter-commissaris bekijkt of een verdachte maximaal 14 dagen langer mag worden vastgehouden (inbewaringstelling). In deze zaak was dat het geval. Door deze beslissing van de rechter-commissaris begon voor verdachte een nieuwe fase van zijn voorarrest: de voorlopige hechtenis.  

Strafraadkamer

Binnen de eerste 14 dagen voorlopige hechtenisVerzamelnaam voor de begrippen bewaring, gevangenhouding en gevangenneming. moet verdachte voor de strafraadkamer verschijnen als de officier van justitie vindt dat hij langer vast moet blijven zitten. De strafraadkamer bestaat uit 3 rechters die beslissen of een verdachte zijn strafzaak, al dan niet onder voorwaarden, in vrijheid mag afwachten, of dat zijn voorlopige hechtenis met maximaal 90 dagen wordt verlengd. In deze zaak heeft de raadkamer op 15 juni 2022 beslist dat de voorlopige hechtenis met 90 dagen wordt verlengd. 

Hoe gaat het nu verder?

De verdachte kan binnen deze 90 dagen een gemotiveerd verzoek doen aan de raadkamer1. Rechterlijk college dat strafzaken behandelt waarvoor in de regel geen openbare zitting is voorgeschreven. Denk bijvoorbeeld aan klachten niet-vervolging (het hof oordeelt dan over de vraag of een verdachte moet worden vervolgd als het OM daartoe niet besluit). 2. Onderling beraad tussen de rechters die een zaak behandelen na de zitting om de uitspraak vast te stellen. om zijn voorlopige hechtenisVorm van vrijheidsstraf, die bijvoorbeeld wordt opgelegd bij overtredingen of bij het niet betalen van een boete. te beëindigen of te schorsen. Als de raadkamer dit verzoek toewijst, kan de verdachte voor dan op vrije voeten komen. Hij mag de uitkomst van zijn strafzaak in dat geval in vrijheid afwachten. Soms zijn hier voorwaarden aan verbonden, bijvoorbeeld het dragen van een enkelband.

Als de voorlopige hechtenis van verdachte binnen 90 dagen niet wordt beëindigd of geschorst, moet de zaak binnen deze termijn voorkomen bij de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt.. Dat gebeurt dan tijdens een openbare zitting. Dit kan al de inhoudelijke behandeling zijn als al het onderzoek klaar is. Dit kan ook een pro-forma zitting zijn. Tijdens een pro-formazittingZitting waarop een zaak niet inhoudelijk wordt behandeld. Een pro-formazitting is nodig als een zaak binnen een bepaalde termijn op een zitting moet zijn geweest, maar het nog te vroeg is om deze inhoudelijk te behandelen. wordt onder meer de stand van het onderzoek besproken, wat er nog moet gebeuren voordat de zaak inhoudelijk behandeld kan worden en komt doorgaans de voorlopige hechtenis aan bod. Het is dan aan de rechtbank– na de rechter-commissaris en de strafraadkamer –om te beslissen over de verdere voorlopige hechtenis.