Breda|

Voormalig bankkantoor in Breda wordt gemeentelijk monument

De bestuursrechter van de rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft een voormalig bankkantoor in Breda aangewezen als gemeentelijk monument. In een eerder besluit van de gemeente Breda werd dit geweigerd, onder meer in het belang van woningbouw. Een ontwikkelaar wil nieuwe woningen bouwen op het perceel waar het gebouw staat.

Erfgoedmeetlat
Uit onderzoek naar de cultuurhistorische waarde van het gebouw is gebleken dat het voormalig bankkantoor een waarde van 3,69 scoort op de gemeentelijke erfgoedmeetlat. Deze erfgoedmeetlat loopt van 0 tot 5. Het is gebruikelijk dat een gebouw met een score van 3,5 of hoger wordt aangewezen als gemeentelijk monument, tenzij er duidelijke, zwaarwegende belangen zijn die dat tegenhouden.

Belangen
Volgens de gemeente zijn deze belangen aanwezig: het belang van woningbouw en het (financieel) belang van de ontwikkelaar. De bestuursrechter heeft geoordeeld dat de ontwikkelaar het perceel met een bewust genomen risico heeft aangekocht. De ontwikkelaar had kunnen weten dat het oude bankgebouw een hoge cultuurhistorische waarde heeft, met de daarbij behorende gevolgen. Bij een aangewezen monument zal bij een aanvraag tot wijziging of sloop nadrukkelijk rekening moeten worden gehouden met de monumentale waarde van het gebouw.

Geen nieuw besluit
De bestuursrechter heeft in deze zaak niet geoordeeld dat de gemeente een nieuw besluit moet nemen, maar heeft het gebouw zelf meteen aangewezen als gemeentelijk monument. Dit komt omdat de ontwikkelaar bezig is met het voorbereiden van een aanvraag van een omgevingsvergunning, waarbij ook voorbereidingen voor de sloop van het gebouw worden getroffen. Door deze aanwijzing1. Voorschrift hoe het Openbaar Ministerie zijn taak moet vervullen. Er is bijvoorbeeld een aanwijzing over de rol van een officier van justitie bij risicowedstrijden in het betaald voetbal. 2. Officieel bevel van de minister van Justitie aan het Openbaar Ministerie om een zaak op een bepaalde manier af te handelen. wordt voorkomen dat het gebouw in de tussentijd al gesloopt kan worden.