Waterschap moet verhaal schoonmaakkosten op Chemie-Pack heroverwegen
Schoonmaken sloten
Het waterschap Brabantse Delta heeft direct na de ramp op 5 januari 2011 de sloten rondom Chemie-Pack, waarin bluswater vermengd met chemicaliën was gestroomd, afgedamd en laten leegpompen. In de periode daarna zijn de bodem en oevers van de sloten afgegraven en pompen geplaatst voor nazuivering van het water. Het verontreinigde water en de verontreinigde grond zijn afgevoerd en verwerkt. De kosten van deze maatregelen, in totaal ruim 11 miljoen euro, wil het waterschap verhalen op Chemie-Pack.
Acute dreiging milieuramp
De kritiek van de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. gaat vooral over de periode na 9 januari 2011, toen de sloten waren afgedamd en leeggepompt en een start werd gemaakt met het afgraven van de oevers en de bodem van de sloten. Het waterschap heeft onvoldoende onderbouwd dat er toen nog steeds een acute dreiging van een milieuramp bestond.
Zo’n dreiging bestond, naar het oordeel van de rechtbank, overigens wel in de periode van 5 tot en met 9 januari 2011. De kosten die het waterschap in die periode heeft gemaakt, kunnen in principe worden verhaald op Chemie-Pack.
Chemie-Pack overtreder van lozingsverbod
Chemie-Pack heeft betoogd dat niet zij, maar de brandweer moet worden beschouwd als overtreder van het verbod om gevaarlijke stoffen in het oppervlaktewater te brengen. De rechtbank is echter van oordeel dat de bluswerkzaamheden moeten worden geacht te zijn verricht in opdracht - en ten behoeve - van Chemie-Pack. Gelet op het rapport van de Onderzoeksraad voor Veiligheid van februari 2012 is niet staande te houden dat Chemie-Pack geen enkele blaam treft bij het ontstaan van de brand. De rechtbank laat daarom verder in het midden of er bij de bluswerkzaamheden door de brandweer fouten zijn gemaakt.
Twee vennootschappen
Naast Chemie-Pack Onroerend Goed B.V. had ook Chemie-Pack Nederland B.V., de exploitant van het chemisch bedrijf, beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. bij de rechtbank ingesteld tegen het kostenverhaal door het waterschap. Chemie-Pack Nederland is inmiddels failliet gegaan. De curatorEen curator is iemand die door de rechter is aangewezen om geldzaken en andere belangrijke zaken (zoals zorg en wonen) te regelen voor iemand die dat zelf niet kan. heeft de procedure voortgezet. De curator heeft alleen betwist dat Chemie-Pack Nederland B.V. als overtreder moet worden aangemerkt. Daarom heeft de bestuursrechter dat beroep ongegrond verklaard.
Bestuursdwang
In deze zaak gaat het om het toepassen van zogenoemde bestuursdwang door een overheidsinstantie. Het doel van bestuursdwang is om de overtreder van een wettelijk voorschrift, hier het zonder vergunning lozen van schadelijke stoffen in het oppervlaktewater, te bewegen deze overtredingLicht strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel berecht door de sector kanton van de rechtbank, misdrijven door de strafsector van de rechtbank. ongedaan te maken. Als dat niet lukt of daarop niet gewacht kan worden, kan de overheid de overtreding zelf ongedaan maken. In dat geval worden in het algemeen de kosten op de overtreder verhaald.