Verdachte overval juwelier Deurne in hoger beroep vrijgesproken

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksGerechtshof s-Hertogenbosch > Nieuws > Verdachte overval juwelier Deurne in hoger beroep vrijgesproken
's-Hertogenbosch, 23 december 2015

Een 28-jarige man die verdacht werd van betrokkenheid bij een overval op een juwelier in Deurne, is in hoger beroep vrijgesproken. De rechtbank Oost-Brabant veroordeelde hem op 8 april 2015 tot 3 jaar gevangenisstraf voor het medeplegen van de overval.

Bekende van overvallers

Op 28 maart 2014 probeerden 2 mannen een juwelier in Deurne te overvallen. Zij gebruikten hierbij veel geweld. De vrouw van de juwelier heeft de overvallers, ter verdediging van haar man, doodgeschoten. De identiteit van 1 van de 2 overvallers was onbekend, totdat de verdachte in deze zaak een aantal dagen na de overval naar de politie ging om te vertellen dat hij vermoedelijk wist wie het was. Hij had namelijk op televisie gezien dat er een overval gepleegd was in Deurne en van een vriend gehoord dat 1 van de omgekomen overvallers een bekende was. Omdat de verdachte deze overvaller een paar uur voor de overval samen met een andere bekende had gezien, heeft hij geconcludeerd dat dit de andere overleden overvaller moest zijn. Later werd de verdachte aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij de overval. Hij heeft altijd ontkend dat hij iets van de overval af wist.

Aanwijzingen voor mogelijke betrokkenheid

Parelketting, ingezoomd
(foto niet zaaksgerelateerd)

Er zijn verschillende aanwijzingen voor de mogelijke betrokkenheid van de verdachte bij de overval. Zo is hij 2 weken voor de overval in de juwelierszaak geweest omdat hij, zoals hij zelf zegt, een horloge wilde kopen en een piercing wilde laten maken. 1 van de omgekomen daders woonde bij de verdachte in huis en via hem kende hij ook de andere omgekomen dader. Verder heeft de verdachte op de dag van de overval van een kennis een auto geleend om die op zijn beurt weer uit te lenen aan zijn huisgenoot, die later dus met de andere dader de juwelierszaak heeft overvallen. Tot slot heeft de verdachte, nadat de overval had plaatsgevonden, in de door hemzelf gebruikte auto de sleutelbos van die andere dader gevonden. Die sleutelbos heeft hij aan een vriend van die dader overhandigd.

Geen bewijs

Het hof is het met de rechtbank eens dat er aanwijzingen zijn voor eventuele betrokkenheid van de verdachte bij de overval. Hij heeft niet over alles openheid van zaken gegeven en deels ongeloofwaardige verklaringen afgelegd. Anders dan de rechtbank vindt het hof echter dat dit nog niet bewijst dat de man wist dat er een overval zou gaan plaatsvinden. Het is namelijk niet aantoonbaar dat de verklaringen gelogen zijn. De verklaringen zijn evenmin zó onaannemelijk dat het niet anders kan dan dat de verdachte van de overval heeft geweten. Het hof concludeert daarom dat er niet genoeg bewijs is om te kunnen vaststellen dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan betrokkenheid bij de overval.

Uitspraken

Meest gelezen berichten