V&D moet volledige huur betalen voor pand in Hengelo

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Overijssel > Nieuws > V&D moet volledige huur betalen voor pand in Hengelo
Enschede, 26 maart 2015

V&D moet de volle huurprijs betalen voor het winkelpand in Hengelo (O). De kantonrechter in Enschede oordeelt in kort geding dat verhuurder Mondia Investments B.V. daar recht op heeft. Mondia deed niet mee aan de overeenkomst tussen andere verhuurders van V&D-panden en V&D om de huur te verlagen. Mondia hoeft niet akkoord te gaan met eenzijdige huurverlaging.

Behoeden voor faillissement

Andere verhuurders van V&D-panden hadden met V&D afgesproken om van februari 2015 tot en met juli 2015 een lagere huurprijs te accepteren, om V&D voor een faillissement te behoeden. Mondia heeft deze overeenkomst niet gesloten. V&D deelde aan Mondia mee dat zij niet meer de volledige huurprijs zou gaan betalen aan Mondia. Mondia spande hierop een kort geding aan.

Recht op huur

De kantonrechter oordeelt dat Mondia terecht aanspraak maakt op de door V&D en Mondia afgesproken huurprijs. V&D erkent de achterstand in de betaling en het heeft er alle schijn van dat de totale hoogte van die huurschuld zal oplopen tot circa € 150.000 euro.

Uiteraard staat dat bedrag niet in verhouding tot de schade die V&D zou kunnen gaan lijden, maar op zichzelf is dat geen criterium. De kern van de zaak ligt bij het feit dat V&D éénzijdig het besluit heeft genomen om de maandelijkse huur van het pand in Hengelo voor vijf maanden meer dan te halveren.

Morele verplichting

V&D betoogde dat de financiële positie van V&D zodanig benard is dat het te hulp schieten van V&D eigenlijk gezien moet worden als een morele verplichting van iedere verhuurder van zo’n pand. Maar hoe triest het een en ander voor V&D ook moge zijn, dat doorbreekt niet het recht van een verhuurder op de afgesproken huurprijs.

Juiste weg naar de rechter

Mondia maakt door het kort geding aan te spannen geen misbruik van recht, zoals V&D stelt. “Het kan een verhuurder, die zonder zijn toestemming moet toezien dat meer dan de helft van de maandelijkse huur gedurende vijf maanden niet wordt betaald, tezamen een aanzienlijk bedrag, niet euvel worden geduid dat hij het met die beslissing van de huurder niet eens is. De weg naar de rechter is dan de enig juiste weg. Men heeft het recht om naar de rechter te gaan en dat recht behoort niet te wijken voor economische motieven.” aldus de kantonrechter.

Voorkomen van rechtsongelijkheid

Toewijzing van de stellingen van V&D zou tot gevolg kunnen hebben dat andere noodlijdende bedrijven eveneens haar toevlucht zullen nemen tot een drastische verlaging van de maandelijkse huur- of hypotheekverplichting. Met een beroep op het economisch belang en een appel op de saamhorigheid in de samenleving zou dan, in de lijn van V&D doorredenerend, bereikt kunnen worden dat een faillissement kan worden voorkomen.

In Nederland dreigt dan, zo vreest de kantonrechter, een juridische chaos. Enige zekerheid voor een verhuurder is er niet meer. Het gaat ook leiden tot rechtsongelijkheid binnen het huurrecht: particuliere huurders staan ook vaak aan de rand van de afgrond en niet valt in te zien waarom deze categorie huurders dan niet de mogelijkheid zouden hebben om de huur eenzijdig met de helft te verlagen. Deze zeer onwenselijke situatie moet worden voorkomen.

Uitspraken

Meest gelezen berichten