Wat is spreekrecht?
U kunt als slachtoffer of nabestaande bericht krijgen van het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. dat u spreekrecht heeft. Spreekrecht is mogelijk in een strafzaak over een ernstig misdrijf. Tijdens de zitting mag u dan vertellen wat het ernstige strafbare feit met u heeft gedaan. U vertelt dit tegen de rechter en de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is., en tegen de verdachte als die er is.
Kunt of wilt u niet zelf spreken? U mag iemand machtigen die namens u spreekt. Bijvoorbeeld een advocaatRaadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat is lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. of een medewerker van Slachtofferhulp Nederland.
Slachtoffer jonger dan 18 jaar?
Ook de wettelijke vertegenwoordigers (ouders, pleegouders of stiefouders) van het slachtoffer hebben spreekrecht als het slachtoffer jonger dan 18 jaar is.
De minimumleeftijd voor het hebben van spreekrecht is in principe 12 jaar. Soms geeft de rechter toestemming aan een slachtoffer jonger dan 12 jaar om te spreken.
Is het slachtoffer verstandelijk en/of lichamelijk niet in staat om zelf te spreken?
Dan mogen deze personen spreken:
- de echtgenoot of echtgenote, geregistreerd partner of andere levensgezel als het slachtoffer die heeft, en
- 1 ander familielid: een overgrootouder, grootouder, ouder, kind, kleinkind, zus, broer, tante, oom, nicht, neef
Is het slachtoffer overleden?
Er mogen maximaal 3 nabestaanden spreken:
- in ieder geval de echtgenoot of echtgenote, geregistreerd partner of andere levensgezel van de overledene, en
- 2 anderen, dit mogen zijn: betovergrootouders, overgrootouders, grootouders, ouders, kinderen, kleinkinderen, zussen en broers, tantes en ooms, oudtantes en oudooms (tantes en ooms van de ouders), nichten en neven (kinderen van zussen of broers), achternichten en achterneven (kleinkinderen van zussen of broers)
Is een nabestaande verstandelijk en/of lichamelijk niet in staat om zelf te spreken?
Dan mag in plaats van die persoon 1 van de volgende personen spreken:
- betovergrootouder, overgrootouder of grootouder
- ouder
- kind
- zus of broer
- nicht of neef (kind van broer of zus van een ouder)
- achternicht of achterneef (kleinkind van zus of broer)
- tante of oom, of oudtante of oudoom (tante of oom van een ouder)
Wat zijn de afspraken over het spreekrecht?
Als slachtoffer of nabestaande mag u tijdens de strafzitting spreken. Hieronder leest u wat de afspraken (uitgangspunten) zijn.
Wanneer mag ik spreken?
- U mag één keer spreken tijdens de zitting.
- De rechter bepaalt wanneer u mag spreken en hoe lang u mag spreken. Dit hangt af van de zaak en hoeveel tijd er is.
- U mag meestal spreken na het bespreken van de feiten en vóór de strafeis van de officier van justitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht..
- Als u schadevergoeding eist, mag u die tijdens de zitting toelichten. Dat gebeurt meestal vóór de strafeis van de officier van justitie.
- Als de officier van justitie of de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. daarna nog iets zegt over uw schadevergoeding, mag u vaak nog reageren. De rechter beslist of dit mag.
Hoe mag ik spreken?
- U spreekt tegen de rechter, niet tegen de verdachte.
- U krijgt een plek in de zaal waar u rustig kunt spreken. U zit niet tegenover de verdachte, en niet op de plaats van de rechter of de officier van justitie.
- U mag samen met uw advocaat of gemachtigdeIemand die als vertegenwoordiger namens een partij optreedt in de procedure. spreken.
- De rechter kan ingrijpen als u iets zegt dat beledigend of kwetsend is.
- Wilt u liever spreken via een videoverbinding, bijvoorbeeld omdat u bang bent voor de verdachte? Vraag dit dan van tevoren aan bij de rechter. Die beslist of dit mag.
- Wilt u foto's of geluidsfragmenten laten zien of horen? Vraag dit dan vooraf aan de rechter. Die kan dit weigeren als het de zitting verstoort.
Wat als ik niet wil of kan spreken?
- U hoeft niet te spreken. U mag ook een schriftelijke verklaring (slachtofferverklaring) indienen. Uw verklaring komt dan in het dossier. Soms wordt (een deel van) uw verklaring tijdens de zitting besproken.
- Kunt u tijdens de zitting niet spreken, bijvoorbeeld door emoties? Dan mag uw advocaat of gemachtigde dat voor u doen.
- Staat uw verklaring op papier? Dan kan de rechter deze toevoegen aan het dossier.
De rechter of officier van justitie kan uw verklaring (samengevat) voorlezen. De andere partijen mogen daarop reageren.
Wat gebeurt er nadat ik heb gesproken?
- De verdachte mag reageren op wat u heeft gezegd. Hij of zij richt zich dan ook tot de rechter.
Let op: De rechter kan afwijken van deze afspraken als dat nodig is.
Beperkt spreekrecht bij zittingen over tbs en de PIJ-maatregel
Op bepaalde zittingen die gaan over de uitvoering van tbs (terbeschikkingstelling) en de PIJ-maatregel (maatregelEen maatregel kan worden opgelegd na het begaan van een strafbaar feit. Er kunnen maatregelen worden opgelegd in plaats van een straf of naast een straf. Voorbeelden zijn: terbeschikkingstelling (tbs), plaatsing in een psychiatrisch ziekenhuis, ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel, onttrekking van voorwerpen aan het verkeer. van plaatsing in een inrichting voor jeugdigen) hebben slachtoffers en nabestaanden een beperkt spreekrecht. Op die zittingen mogen zij iets zeggen over de voorwaarden waaronder de veroordeelde (of tbs’er/PIJ’er) vrijkomt of vrij blijft. Het moet dan gaan over voorwaarden die hun belangen raken, zoals een contactverbod of een locatieverbod. Dit beperkte spreekrecht hebben zij op zittingen waarop voorwaarden bij de uitvoering van de tbs aan de orde komen. En op zittingen waarop voorwaarden aan de orde komen die kunnen gelden tijdens de laatste periode van de PIJ-maatregel, namelijk het voorwaardelijke jaar (of de voorwaardelijke beëindiging).
Slachtoffers en nabestaanden mogen op de zitting spreken, maar kunnen hun verklaring ook schriftelijk afleggen.
Voor meer informatie of hulp, bezoek de contactpagina. Daar vindt u antwoorden op veelgestelde vragen en informatie over hoe u ons kunt bereiken.