Hof doet uitspraak inzake dodelijk ongeval op de Nieuw-Loosdrechtsedijk in Loosdrecht

Juridische betekenis roekeloosheid
Artikel 6 van de Wegenverkeerswet 1994, waarop het tenlastegelegde is gebaseerd, kent verschillende gradaties van schuld, waarvan roekeloosheid de zwaarste vorm is. De juridische betekenis van roekeloosheid is niet dezelfde als de betekenis van dit begrip in het normale spraakgebruik. Van belang is verder dat de ernst van de gevolgen, in dit geval een dodelijk slachtoffer, geen rol kan spelen bij de vaststelling van de mate van schuld. Ook is van belang dat in artikel 175, derde lid, van de Wegenverkeerswet 1994, aparte strafverzwarende omstandigheden zijn genoemd, waaronder het in ernstige mate overschrijden van de maximumsnelheid en het rijden onder invloed. Omdat deze omstandigheden op zichzelf al strafverzwarend zijn, zijn deze niet genoeg om tot het oordeel te komen dat sprake is van roekeloosheid.
Strafbepaling
Het rijden door verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. (vader) wordt door het hof aangemerkt als zeer onvoorzichtig in de zin van de wet. Het buitengewoon verwijtbare handelen van verdachte (vader) rechtvaardigt de oplegging van een voor schulddelicten als het onderhavige zeer zware straf. Taakstraffen of geldboetes kunnen bij zo ernstige feiten niet aan de orde zijn. Alles afwegende acht het hof in dit geval een - voor een verkeersdelict - forse onvoorwaardelijke gevangenisstraf geboden. Daarom is aan verdachte (vader) een gevangenisstraf van drie jaren opgelegd en een ontzegging van de bevoegdheidDe vraag welke rechter de zaak mag behandelen. tot het besturen van motorrijtuigen voor de duur van vier jaren.
Ten aanzien van de zoon acht het hof bewezen dat hij zich zodanig heeft gedragen dat daardoor gevaar op de weg of hinder voor het verkeer kon worden veroorzaakt. In hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. is hem in verband met de zeer forse snelheidsovertreding dezelfde straf opgelegd als de rechtbank in eerste aanleg had gedaan, te weten een taakstraf van 100 uren en een ontzegging van de bevoegdheid tot het besturen van motorrijtuigen voor de duur van een jaar.