Arnhem|

Werkstraffen voor drie (ex-)militairen Schaarsbergen

De militaire kamer van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft vandaag drie verdachten veroordeeld tot werkstraffen voor door hen begane strafbare feiten in 2013, toen zij als militair werkzaam waren binnen de mortiergroep van de Luchtmobiele Brigade op de Oranjekazerne te Schaarsbergen. Een vierde verdachte is vrijgesproken.

Hoger beroep Openbaar Ministerie

De militaire kamerDe rechtsprekende instantie die belast is met de behandeling van strafzaken die zijn begaan door militairen. Deze kamer is ondergebracht bij de rechtbank Arnhem. Als het een meervoudige behandeling betreft, bestaat de militaire kamer uit twee rechters en een militair lid. Het militair lid is een officier van één van de krijgsmachtonderdelen. van de rechtbank heeft eerder geoordeeld dat een deel van de tenlastegelegde feiten verjaard was en de (ex-)militairen van de overige feiten vrijgesproken. Het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. is tegen een deel van deze beslissingen in hoger beroep gegaan. Bij een aantal vrijspraken heeft het Openbaar Ministerie zich neergelegd.

Oordeel militaire kamer van het gerechtshof

Aan de orde waren strafzaken tegen vier verdachten. Deze strafzaken zijn voortgekomen uit een onderzoek van de Koninklijke Marechaussee naar beweerde misstanden binnen de mortiergroep van de Luchtmobiele Brigade op de Oranjekazerne te Schaarsbergen. Dit onderzoek is bekend geworden als de ‘Schaarsbergen-zaak’.

De militaire kamerOnderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer. van het gerechtshofGerecht dat zaken in hoger beroep behandelt. Nederland kent vier gerechtshoven. heeft vooropgesteld dat het niet aan het hof was te oordelen over eventuele, algemene misstanden op, binnen en rondom de Oranjekazerne in Schaarsbergen of bij de Luchtmobiele Brigade. Het hof heeft zich uitsluitend gebogen over de strafrechtelijke verwijten die aan de verdachten zijn gemaakt en beoordeeld of de verdachten zich schuldig hebben gemaakt aan de strafbare feiten waarvoor zij door het Openbaar Ministerie  - in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. - worden vervolgd.

VerjaringDe termijn na afloop waarvan een recht ontstaat of juist verloren gaat of een misdrijf of overtreding niet meer kan worden berecht.
De militaire kamer van het gerechtshof heeft geoordeeld dat van verjaring geen sprake is. Voor een deel van de feiten geldt dat de verjaringstermijn nog niet verlopen was. Voor een ander deel is de verjaring volgens het hof tijdig gestuit.

Veroordeling
Twee verdachten zijn veroordeeld voor het bedreigen van andere militairen. Het ging daarbij om verbale bedreigingen. Van het bedreigen met vuurwapens en een mes zijn zij wegens gebrek aan overtuigend bewijsEen document of stuk dat een standpunt ondersteunt. vrijgesproken. Beide verdachten werden ook verdacht van het stelselmatig mishandelen van een soldaat. Ook hiervan zijn zij vrijgesproken.

Beide verdachten zijn veroordeeld tot een taakstrafWerkstraf van 60 uur. Het hof heeft bij de strafoplegging onder meer betrokken dat met de bedreigingen sprake is van militair onwaardig gedrag, zeker nu de bedreigingen plaatsvonden door meerderen (korporaals) tegen hun ondergeschikten (soldaten).

De derde verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. is veroordeeld voor militaire aanranding, doordat hij zich schuldig heeft gemaakt aan het zogenaamde ‘drie man tillen’, waarbij een slachtoffer door twee anderen tussen zich in geklemd op de grond wordt vastgehouden, terwijl een vierde persoon zijn ontblote onderlichaam boven/tegen het gezicht van het slachtoffer houdt. Het hof spreekt ook hier van militair onwaardig gedrag. Deze verdachte is veroordeeld tot een voorwaardelijke taakstraf van 40 uur.

De vierde verdachte is wegens gebrek aan overtuigend bewijs vrijgesproken van het medeplegen van bedreigingen.

Het hof heeft bij alle drie de veroordeelde verdachten in strafmatigende zin rekening gehouden met de grote aandacht voor de Schaarsbergen-zaak van de politiek en de media, met het tijdsverloop en met de gevolgen die de zaken al hebben gehad voor de verdachten. Zo zijn twee van de drie veroordeelde verdachten als gevolg van hun strafzaak niet meer werkzaam bij Defensie.