De Nederlandse Staat kan zich niet op verjaring beroepen tegenover de vijf bejaarde mannen en vrouwen die stellen dat hun vaders in 1947 door Nederlandse militairen standrechtelijk zijn geëxecuteerd tijdens de zogenoemde ‘zuiveringsacties’ op Zuid-Sulawesi (destijds Zuid-Celebes). Dit heeft het gerechtshof Den Haag vandaag bepaald. In een andere, ook vandaag uitgesproken zaak, heeft het Haagse gerechtshof bewezen verklaard dat een Indonesische man in 1947 tijdens Nederlandse gevangenschap op Oost-Java is gemarteld. Ook tegenover deze man kan de Staat zich niet op verjaring beroepen.