Naheffingsaanslagen dividendbelasting aan Canadese pensioenfondsen terecht opgelegd

Drie trusts die naar Canadees recht zijn ingesteld en zich volgens de trustakte hebben toegelegd op de uitvoering van pensioenregelingen van werknemers (hierna belanghebbenden genoemd), hebben de Belastingdienst verzocht om teruggave van Nederlandse dividendbelasting over een aantal jaren (variërend van 2013 tot en met 2015). Deze verzoeken heeft de Belastingdienst gehonoreerd.
Naheffingsaanslagen
De Belastingdienst heeft naar aanleiding van nader onderzoek naheffingsaanslagen aan belanghebbenden opgelegd. Het ging hierbij om nageheven dividendbelasting en belastingrente. Volgens belanghebbenden was deze naheffing niet terecht.
Oordeel hof
Volgens het hof zijn de naheffingsaanslagen wel terecht opgelegd. Hoewel belanghebbenden zich richting de inspecteur van de Belastingdienst presenteerden als pensioenfonds, was hun doelstelling niet (nagenoeg) uitsluitend die van een pensioenfonds. Zij dreven in de betreffende jaren in feite een commerciële/professionele effectenhandel en arbitrageonderneming. Door de inspecteur hierover niet te informeren, hebben zij ervoor gezorgd dat de inspecteur niet alle informatie had die nodig was om het verzoek om teruggave goed te kunnen beoordelen. Het beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. op het zogenoemde vertrouwensbeginselAlgemeen beginsel van behoorlijk bestuur dat voorschrijft dat particulieren en organisaties erop moeten kunnen vertrouwen, dat een bepaalde toezegging van een bestuursorgaan ook nagekomen wordt of een wettelijke bepaling wordt nageleefd., dat twee van de drie belanghebbenden deden, gaat daarom niet op. Ook werd niet voldaan aan de zogenoemde werkzaamhedentoets van artikel 3 Uitvoeringsbesluit vennootschapsbelasting 1971. Daarom zouden de belanghebbenden niet zijn vrijgesteld van vennootschapsbelasting als zij in Nederland waren gevestigd en bestaat er geen recht op teruggaaf op grond van artikel 10, lid 3, Wet op de dividendbelasting 1965. Het Unierecht staat naheffing niet in de weg. Ook is er een wettelijke grondslag voor naheffing, namelijk artikel 20, lid 2, Algemene wet inzake rijksbelastingen.
Dit is een beknopte samenvatting van de uitspraak. De volledige uitspraken zijn gepubliceerd op Rechtspraak.nl.