Staatsloterij moet aankoopbedrag loten terugbetalen
Misleidende mededelingen

De Hoge Raad besliste in januari 2015 dat de Staatsloterij in de periode 2000 tot en met 2008 misleidende mededelingen heeft gedaan over winkansen. Volgens de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. is het aannemelijk dat een groot deel van de consumenten geen loten zou hebben gekocht als de Staatsloterij wel juiste mededelingen had gedaan.
De man speelde ook mee tijdens deze periode. Naar aanleiding van de uitspraak van de Hoge Raad begon hij een zaak tegen de Staatsloterij om het aankoopbedrag van zijn loten uit die periode terug te krijgen.
Causaal verband
Eerder gaf de rechtbank Limburg de man geen gelijk. Er was volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. geen sprake van een causaal verband tussen de misleidende mededelingen en het wel of niet kopen van loten. De man onderbouwde zijn vordering in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. onder andere met het argument dat als de Staatsloterij hem wel de juiste informatie had gegeven, hij geen loten had gekocht. Volgens het hof is dat aannemelijk.
Terugbetalen
Het hof vindt dat de Staatsloterij aansprakelijk is voor de kosten van de loten die als gevolg van de misleidende mededelingen werden gekocht. De Staatsloterij moet het aankoopbedrag van de loten en de proceskostenKosten die gemaakt worden om de procedure te kunnen voeren, zoals bijvoorbeeld de kosten van juridische bijstand en reis- en verblijfskosten. aan de man terugbetalen. In totaal gaat het om een bedrag van bijna 8.000 euro.
De Staatsloterij heeft 3 maanden de tijd om cassatie in te stellen tegen dit besluit. De Hoge Raad beoordeelt dan of het hof het recht goed heeft uitgelegd en toegepast.