Jeugddetentie voor mishandeling, verkrachting en afdreiging via online platforms

Amsterdam|
Een 14-jarige jongen dwong via online platforms een Nederlands minderjarig meisje zichzelf te snijden en moedigde haar aan tot een poging zichzelf van het leven te beroven. Om dat te bereiken dreigde hij seksueel getinte beelden en beelden van een poging tot zelfdoding van haar openbaar te maken. De rechtbank legt hem jeugddetentie op van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden.

De jongen kwam in contact met het Nederlandse meisje in oktober 2025 via het online platform Roblox. Daar dwong hij haar zichzelf te snijden, ‘bloodwalls’ te maken (het schrijven van teksten op een muur met haar bloed) en ‘cutsigns’ te zetten (zijn naam kerven in haar lichaam). Ook dwong hij haar om haar huisdier te doden en zichzelf proberen te verhangen. Van dit alles moest zij beeldmateriaal aan hem sturen. Hij dreigde haar met openbaarmaking van seksueel getint beeldmateriaal en beelden van een poging tot verhanging. Dat dreigement voerde hij ook uit door beelden naar haar familie en oud-klasgenoten te sturen via Whatsapp en Snapchat. Ook vonden er seksuele handelingen plaats ‘op afstand’ waartoe hij het meisje aanstuurde.

Terroristisch oogmerk

De Rechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat de jongen niet handelde met een terroristisch oogmerk. Hij pleegde de strafbare feiten om toe te treden tot het Com-netwerk. Dat is een wereldwijd online netwerk waarbij extreem en grensoverschrijdend geweld tegen slachtoffers wordt aangemoedigd en genormaliseerd. Het is daarbij niet vast komen te staan dat de jongen handelde vanuit een ideologische overtuiging. Hij was er ook niet op uit om de samenleving te ontwrichten. Zijn drijfveer was een andere, namelijk door een gevoel van eenzaamheid en de behoefte hebben om ergens bij te horen. 

Naar groepen als de Com-groep is onderzoek gedaan en door de Nationaal Terrorismebestrijding breed gewaarschuwd. Dit soort groepen veroorzaken met hun morele en digitale normloosheid grote onrust in de samenleving en laten ons achter met gevoelens van machteloosheid en angst over het welzijn en de veiligheid van onze jongeren.

Jeugddetentie

De rechtbank veroordeelt de jongen voor afdreiging en mishandeling met voorbedachten rade van het meisje. Ook wordt hij veroordeeld voor verkrachting van het meisje. Volgens de rechtbank blijkt voldoende duidelijk dat de jongen online concrete bemoeienis had met de seksuele handelingen van het meisje, ook al was er geen lichamelijke aanraking. Door de Com-groep werd de jongen aangemoedigd steeds extremer beeldmateriaal van haar te verkrijgen en delen. De jongen lijkt zich geen rekenschap te hebben gegeven van de gevolgen voor het jonge meisje. Dat neemt de rechtbank hem zeer kwalijk.  De rechtbank legt de jongen jeugddetentie op voor de duur van 12 maanden, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden. Het voorwaardelijk strafdeel dient als stok achter de deur om de jongen ervan te weerhouden opnieuw dergelijke strafbare feiten te plegen. Als bijzondere voorwaarden geldt dat de jongen een social media verbod krijgt, niet meer in aanraking mag komen met extreem beeldmateriaal en geen digitale omgevingen gelieerd aan de Com-beweging mag bezoeken. Daarnaast krijgt hij behandeling, dient hij naar school te gaan volgens rooster en moet hij meewerken aan controles van onder andere zijn telefoon en computer door de Jeugdbescherming. Ook moet hij een schadevergoeding van ruim €11.500 betalen aan het meisje.

Overlevering en gepleegde feiten in het buitenland

De Roemeense jongen is met een Europees arrestatiebevel overgeleverd aan Nederland, vanwege de strafbare feiten die hij online pleegde ten aanzien van het Nederlandse meisje. Ook verdenkt het Valt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. hem van mishandeling van drie andere slachtoffers, waarvan 1 in het Verenigd Koninkrijk woont. Van de andere 2 slachtoffers is de identiteit onbekend gebleven. De rechtbank oordeelt dat Nederland geen rechtsmacht heeft om te oordelen over deze mishandelingen, omdat de mishandelingen niet in Nederland plaatsvonden en er ook niet op andere wijze is gebleken van enige binding met Nederland. 

Meer informatie

Voor meer informatie kunt u een e-mail- U verlaat Rechtspraak.nl sturen naar team Communicatie van de rechtbank Amsterdam