Motivering afwijzing wrakingsverzoek Marengo
Tijdens de zitting van Marengo van dinsdag 14 september diende advocaatRaadsman of raadsvrouw in juridische aangelegenheden. Een advocaat is lid van de Nederlandse Orde van Advocaten. Inez Weski namens haar cliënt een wrakingsverzoek in tegen de gehele rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt.. Meerdere raadslieden sloten zich bij dit verzoek aan.
Berichtenverkeer
Mr. Weski wilde op de openbare zitting onderzoekswensen formuleren die waren gebaseerd op berichten die aan de verdediging ter inzage waren gegeven, maar (nog) geen deel uitmaakten van het procesdossier. De rechtbank bepaalde daarop dat de berichten, gelet op het privacygevoelige karakter ervan en de veiligheidsbelangen van betrokkenen, eerst in het dossier moesten worden gevoegd, voordat deze tijdens een openbare zitting konden worden voorgedragen. Daarbij gaf de rechtbank de raadsvrouwVrouwelijke advocaat. de keuze het verzoek tot voeging van de berichten te doen aan het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. of aan de rechtbank. In dat laatste geval zou, aldus de rechtbank, de behandeling van het verzoek achter gesloten deuren plaatsvinden. Hierop diende Weski een wrakingsverzoek in.
Rechterlijke tussenbeslissing nooit een grond voor wraking
De wrakingskamer verklaarde afgelopen woensdag het verzoek van Weski zonder zitting ongegrond.
In de nadere motivering van vandaag verwijst de wrakingskamer naar een arrest van de Hoge Raad van 25 september 2018. Hierin staat dat een rechterlijke (tussen)beslissing als zodanig nooit grond kan vormen voor wrakingVerzoek aan de rechtbank om een rechter in een bepaalde zaak te vervangen, omdat hij partijdig zou zijn.. Als een partij het niet eens is met een beslissing van de rechtbank, dan moet dat in een hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. bij het gerechtshof aan de orde worden gesteld en niet bij een wrakingskamer. De beslissing van de rechtbank was zo’n rechterlijke tussenbeslissing en kan dus geen grond voor wraking zijn.
Dit had volgens het arrestUitspraak van een gerechtshof of de Hoge Raad in een civiele dagvaardingsprocedure of van een strafzaak. van de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast. alleen anders kunnen zijn als de motivering van de beslissing niet anders kon worden verstaan dan als blijk van vooringenomenheid van de rechtbank. Mr. Weski heeft haar wrakingsverzoek tijdens de zitting echter niet gebaseerd op de motivering van de beslissing, maar uitsluitend op de tussenbeslissing zelf. Wrakingsgronden dienen op het moment van het wrakingsverzoek alle tegelijk te worden voorgedragen. Deze kunnen niet later ter zitting van de wrakingskamer of in een schriftelijke toelichting op het wrakingsverzoek worden aangevuld. Een mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek bij de wrakingskamer kan daar niets aan veranderen. Daarom kon een zitting van de wrakingskamer achterwege blijven.
Overige verzoeken niet ontvankelijk
De verzoeken tot wraking door de raadslieden die zich bij Weski aansloten, zijn niet ontvankelijk omdat de tussenbeslissing geen betrekking had op de zaken van hun cliënten.
Tegen de beslissing van de wrakingskamer is geen voorziening mogelijk.
Meer informatie
Zie ook: Strafzaak Marengo.
Voor meer informatie, bel de afdeling Voorlichting & Communicatie van de rechtbank Amsterdam, telefoonnummer: 088 361 14 40, of stuur een e-mail naar info.rechtbankamsterdam@rechtspraak.nl.