Prejudiciële vragen naar aanleiding van Poolse veroordeling bij verstek
Verplichte weigering, tenzij…
De IRK moet in zo een geval de overleveringHet overdragen van een persoon aan een ander land om daar voor de rechter te komen of een straf uit te zitten. weigeren, tenzij de verdachte in persoon was gedagvaard voor de strafzitting of op een andere wijze daadwerkelijk officieel op de hoogte is gebracht van datum en plaats van die zitting. In dit geval is de dagvaarding betekend aan de opa van de verdachte op het door hemzelf opgegeven adres. Niet blijkt dat de opa de dagvaarding aan zijn kleinzoon heeft doorgegeven.
Het recht van de lidstaat bepaalt
De IRK heeft de Overleveringswet altijd zo uitgelegd, dat het recht van de lidstaat die het EAB heeft uitgevaardigd bepaalt of sprake is van “persoonlijke dagvaardingOproep om voor de rechter te verschijnen.” of van “op andere wijze daadwerkelijk officieel op de hoogte brengen”. Door betekening van de dagvaarding aan de grootvader is naar het recht van Polen de verdachte “daadwerkelijk officieel op de hoogte gebracht” van datum en plaats van de zitting in Polen. Zoals de IRK de Overleveringswet tot nu toe heeft uitgelegd, mag de IRK deze overlevering dus niet weigeren.
Is uitleg in overeenstemming met EU regelgeving?
De IRK betwijfelt echter of haar uitleg van de Overleveringswet wel in overeenstemming is met de regelgeving van de Europese Unie waarop deze wet is gebaseerd. Zij is nu van mening dat de bedoelde uitzondering op de verplichting tot weigering van de overlevering door de hele Unie heen op dezelfde manier moet worden uitgelegd en dat deze uitleg meebrengt dat moet blijken dat de verdachte de dagvaarding ook feitelijk heeft ontvangen. De IRK heeft het Hof van JustitieVerzamelnaam voor functies die zich binnen de overheid bezighouden met de handhaving van het recht. van de Europese Unie gevraagd of deze uitleg juist is.