Nieuws rechtbank Gelderland
KNGU moet turncoach Wevers voordragen als lid van begeleidingsteam Olympische Spelen
Zutphen, 18-06-2021De kantonrechter beveelt de Koninklijke Nederlandse Gymnastiekunie (KNGU) tot het voordragen van Wevers aan NOC*NSF als lid van het begeleidingsteam op de Olympische Spelen 2021 in Tokio. Volgens de kantonrechter heeft de KNGU onvoldoende aangetoond dat zij een redelijke grond heeft die voldoende zwaarwegend is om de turncoach niet voor te dragen.
Kwartet moet verdiende opbrengst voor xtc-productie aan Staat terugbetalen
Arnhem, 17-06-2021De rechtbank legt een 33-jarige vrouw uit Zevenaar en 2 mannen van respectievelijk 39 jaar (uit Zevenaar) en 46 jaar (uit Arnhem) de verplichting op tot het betalen van ieder 12 duizend euro aan de Staat. Een 55-jarige Arnhemmer moet 10.500 euro terugbetalen aan de Staat. De vrouw en de mannen hadden deze geldbedragen verdiend door hun betrokkenheid bij de productie van xtc in Zevenaar.
Duo veroordeeld voor oplichting door babbeltrucs
Arnhem, 15-06-2021De rechtbank veroordeelt een 31-jarige man uit Den Helder en een 23-jarige man zonder vaste woon- of verblijfplaats voor onder andere het oplichten van bejaarden via babbeltrucs. Het duo krijgt allebei 12 maanden celstraf, waarvan 4 voorwaardelijk. Aan het voorwaardelijke strafdeel zijn bijzondere voorwaarden verbonden.
Geen straf voor Arnhemse politieagent voor toegepast geweld tijdens aanhouding
Arnhem, 14-06-2021De rechtbank ontslaat een 35-jarige hoofdagent uit Arnhem van alle rechtsvervolging voor zware mishandeling en spreekt hem vrij van mishandeling. De agent werd ervan verdacht dat hij opzettelijk zwaar lichamelijk letsel had toegebracht bij een man die zich verzette tegen zijn aanhouding of dat hij deze man bij zijn aanhouding mishandelde. Volgens de rechtbank handelde de agent binnen de grenzen van zijn bevoegdheden.
Duo vrijgesproken van oplichting en verduistering
Zutphen, 14-06-2021De rechtbank spreekt een 38-jarige man en 40-jarige vrouw uit Duitsland vrij van oplichting en verduistering. De rechtbank kan in deze zaak niet vaststellen dat er sprake is van (een) oplichtingsmiddel(en) waardoor de benadeelden zouden zijn bewogen tot afgifte van een goed of geld.





