Taakstraf en voorwaardelijke celstraf voor dodelijk verkeersongeluk

Hoge snelheid
In de nacht van 13 oktober 2018 reed de verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. samen met zijn 33-jarige vriendin met hoge snelheid de oprit van de A27 op. Waar door wegwerkzaamheden 50 kilometer per uur was toegestaan, haalde de auto van verdachte op dat moment een snelheid tussen de 122 en 172 kilometer per uur. Verdachte verloor vervolgens de macht over het stuur, waarna de auto van de weg raakte en tegen een aantal bomen tot stilstand kwam. De verdachte raakte hierbij lichtgewond, de bijrijder overleed ter plaatse als gevolg van het ongeluk. Naderhand bleek dat de verdachte onder invloed was van alcohol.
Schade
De verdachte heeft met zijn handelen grote schade aangericht. Niet alleen heeft hij besloten onder invloed van alcohol achter het stuur te stappen, daarnaast heeft hij ook nog eens meer dan twee keer zo hard gereden als was toegestaan. Dit neemt de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. hem zeer kwalijk. De dood van het slachtoffer heeft haar familie veel verdriet gedaan. Ook de verdachte heeft tijdens de zitting laten blijken gebukt te gaan onder het gemis van zijn partner en veel spijt en berouw te voelen over wat er die nacht gebeurd is.
Taakstraf
De officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. heeft in deze zaak 18 maanden celstraf geëist, waarvan 6 maanden voorwaardelijk en een rijontzegging van 3 jaar. De rechtbank gaat gezien de omstandigheden en ingrijpende gevolgen voor de verdachte van dit ongeluk niet mee in deze eis, en vindt een onvoorwaardelijke celstraf niet op zijn plaats. Daarnaast is de redelijke termijn, de periode waarin een verdachte berecht moet worden, met 2 maanden overschreden. De rechtbank veroordeelt de verdachte tot de maximale taakstraf van 240 uur en legt hem daarbij een voorwaardelijke celstraf op van 6 maanden, met een proeftijd van 2 jaar. Ook is de verdachte 2 jaar zijn rijbewijs kwijt en moet hij een schadevergoeding betalen aan de familie van het slachtoffer.
Bekijk ook de themapagina verkeersmisdrijven.