Afwijzing vordering TUL in 2 strafzaken

De verdachten lopen nog in een proeftijdDe rechter kan iemand tot een voorwaardelijke straf veroordelen. De straf wordt dan niet uitgevoerd, mits de verdachte zich gedurende een bepaalde periode, de proeftijd, aan een aantal afspraken houdt en niet opnieuw in de fout gaat. Deze voorwaarden zijn door de rechter in zijn vonnis opgelegd. van een eerdere veroordeling. Omdat de rechtbank tot een veroordeling voor nieuwe strafbare feiten komt, overtreden de verdachten de aan die proeftijd verbonden algemene voorwaarde. Daarom buigt de rechtbank zich in haar vonnissen ook over de vraag of eerder opgelegde voorwaardelijke straffen alsnog ten uitvoer gelegd moeten worden. De rechtbank oordeelt dat deze vorderingen moeten worden afgewezen. Hieronder legt ze uit waarom deze vorderingen worden afgewezen.
Wetswijziging
Sinds 1 januari 2020 kan door een wetswijziging, de Wet herzieningBuitengewoon rechtsmiddel tegen onherroepelijke veroordelingen in strafzaken. Kan bij de Hoge Raad worden aangevraagd wanneer zich een nieuw gegeven (zgn. novum) zich heeft geopenbaard, dat bij het onderzoek op de terechtzitting aan de rechter niet bekend was. tenuitvoerlegging1. Uitvoering van een arrest of uitspraak, desnoods met behulp van een deurwaarder; 2. In het strafprocesrecht: de omzetting van een voorwaardelijke straf in een onvoorwaardelijke straf. strafrechtelijke beslissingen (Wet USB), geen hoger beroep meer worden ingesteld tegen de beslissing tot tenuitvoerlegging van een eerder opgelegde voorwaardelijke strafStraf die pas uitgevoerd wordt als de veroordeelde zich niet aan bepaalde voorwaarden houdt. Als voorwaarde geldt altijd dat de veroordeelde zich niet binnen de proeftijd opnieuw aan een strafbaar feit schuldig maakt. De proeftijd bedraagt in de meeste gevallen maximaal drie jaar. Als bijzondere voorwaarde kan bijvoorbeeld worden opgelegd dat de veroordeelde zich op bepaalde tijdstippen meldt bij de reclassering. Als de veroordeelde de opgelegde voorwaarden niet nakomt, kan de officier van justitie bij de rechter eisen dat de voorwaardelijk opgelegde straf alsnog ten uitvoer wordt gelegd.. Door deze wetswijziging is die beslissing meteen definitief. Dit betekent dat die beslissing van de rechtbank in stand blijft, ook al wordt een verdachte in hoger beroep voor de nieuwe strafzaak alsnog vrijgesproken.
Dit betekent dat iemand die in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een hogere rechter. is vrijgesproken toch de voorwaardelijke straf moet ondergaan voor het overtreden van de algemene voorwaarde. Dit terwijl uit de vrijspraak door de rechter in hoger beroep volgt dat de verdachte die algemene voorwaarden toch niet heeft overtreden.
Uit de wetsgeschiedenis van de USB - dit zijn de documenten van de minister en de Tweede KamerOnderdeel van een rechterlijk college, zoals een strafkamer, belastingkamer, vreemdelingenkamer of militaire kamer. Zie ook: Enkelvoudige kamer en Meervoudige kamer. op grond waarvan de wijziging tot stand is gekomen – komt niet duidelijk naar voren of de wetgever dit effect heeft onderkend en ook heeft gewild. Die onduidelijkheid is er ook als het gaat om verdachten die gedeeltelijk bekennen.
Strijd met recht op eerlijk proces
Volgens de rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. is dit effect van de nieuwe wet niet billijk. Zij houdt daarbij rekening met fundamentele principes zoals de onschuldpresumptie. Dit grondbeginsel in het strafrecht houdt in dat iemand onschuldig is tot het tegendeel onherroepelijkNiet te herroepen, niet te veranderen. Een uitspraak is onherroepelijk als de rechtzoekende geen beroep of cassatie meer kan instellen, bijvoorbeeld omdat de termijn waarbinnen men beroep moet instellen verlopen is. De zaak is dan helemaal afgedaan. is bewezen. Volgens de rechtbank is dit gevolg van de wetswijziging in strijd met artikelen 5 en 6 EVRM, waarin onder meer het recht op een eerlijk proces is gewaarborgd. Om die reden wijst de rechtbank in de genoemde zaken de vordering tot tenuitvoerlegging af.
Voorbeeld
Een verdachteIemand over wie aanwijzingen bestaan dat hij mogelijk een strafbaar feit heeft gepleegd. De wet spreekt over "een redelijk vermoeden van schuld". Een verdachte wordt pas dader genoemd nadat hij is veroordeeld. wordt op 1 maart 2018 veroordeeld tot een voorwaardelijke celstraf van 1 maand. Voor deze voorwaardelijke straf geldt een proeftijd van 2 jaar. De voorwaarde houdt in dat hij geen nieuw strafbaar feit mag plegen.
Nadat het vonnisEen uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding. definitief is – en binnen de proeftijd – wordt hij vervolgens verdacht van een nieuw misdrijfZwaar strafrechtelijk vergrijp. De strafwetgeving onderscheidt overtredingen en misdrijven. Overtredingen worden in de regel in eerste aanleg berecht door de kantonrechter, misdrijven door de afdeling strafrecht van de rechtbank.. Naast de nieuwe aanklacht eist de officier van justitieEen officier van justitie is een vertegenwoordiger van het Openbaar Ministerie in de rechtszaal. De officier van justitie is verantwoordelijk voor het opsporen en vervolgen van strafbare feiten. De officier beslist of iemand voor de rechter moet komen en eist een straf als de verdachte schuldig is. de tenuitvoerlegging van de eerder voorwaardelijk opgelegde maand celstraf. De rechtbank veroordeelt de verdachte voor het nieuwe misdrijf en gelast de tenuitvoerlegging van 1 maand gevangenisstraf omdat de verdachte de algemene voorwaarde heeft overtreden, namelijk het plegen van een nieuw strafbaar feit.
De verdachte gaat in hoger beroepHet opnieuw behandelen van een zaak door een rechter. en vervolgens volgt vrijspraakBeslissing van de rechter als hij het tenlastegelegde feit niet wettig en overtuigend bewezen acht.. Als gevolg van de nieuwe wettelijke regeling gaat de verdachte toch 1 maand de gevangenis in, omdat hij niet in hoger beroep mag tegen de beslissing over de tenuitvoerlegging van de eerder opgelegde straf.