Woning in Uden mag voorlopig niet op slot na drugsvondst

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksRechtbank Oost-Brabant > Nieuws > Woning in Uden mag voorlopig niet op slot na drugsvondst
's-Hertogenbosch, 14 december 2016

De burgemeester van de gemeente Uden moet zijn besluit om een woning te sluiten na de vondst van een hennepkwekerij, eerst beter motiveren. Tot die tijd mag de woning niet worden gesloten. Dit besliste de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant vandaag.

De politie trof in oktober van dit jaar een hennepkwekerij aan in een souterrain van een woning in Uden. In totaal stonden er 687 hennepplanten en lagen er 160 hennepstekken. Volgens de politie waren er minimaal 5 eerdere oogsten geweest in de hennepkwekerij. Een fraude-inspecteur van Enexis stelde bovendien vast dat er sprake was van diefstal van elektriciteit. De burgemeester van Uden besloot daarop in november dat de gehele woning voor 3 maanden gesloten zou worden. De bewoner maakte hier bezwaar tegen en vroeg de rechter een voorlopige voorziening te treffen.

De bewoner voert aan dat hij niets van doen heeft met de hennepkwekerij en niet wist van het bestaan daarvan. Hij had het souterrain verhuurd aan een derde. Volgens de bewoner had de burgemeester moeten volstaan met het geven van een waarschuwing of had hij alleen het souterrain kunnen sluiten. De burgemeester stelt daarentegen dat er sprake is van een zeer ernstige overtreding. Hij zou daarom mogen afwijken van zijn beleid door de woning direct te sluiten en niet eerst een waarschuwing te geven.

Onvoldoende gemotiveerd

De voorzieningenrechter oordeelt dat de burgemeester zijn besluit onvoldoende heeft gemotiveerd. Volgens de bewoner is, nu de huurder is vertrokken, de gevaarlijke situatie in de woning hersteld. Verder voerde de bewoner aan dat hij sinds 1983 onderverhuurt, dit de eerste keer is dat hij met een dergelijk incident wordt geconfronteerd en hij vanaf nu strenger gaat controleren bij zijn huurders. Over die gestelde omstandigheden heeft de burgemeester zich nog niet voldoende uitgelaten. De rechter oordeelt dat het onvoldoende is om in deze situatie er op te wijzen dat sprake is van een zeer ernstige overtreding, zoals de burgemeester heeft gedaan. De burgemeester moet nu beoordelen of hij in wat de bewoner heeft gesteld, aanleiding ziet om van de sluiting af te zien. De burgemeester moet bij zijn oordeel rekening houden met zijn handhavingsbeleid, dat er op is gericht om te voorkomen dat een woning opnieuw voor drugshandel wordt gebruikt. Gelet hierop en op de verstrekkende gevolgen die een woningsluiting met zich brengt, laat de voorzieningenrechter het belang van de bewoner – om toegang tot zijn woning te hebben tijdens de bezwaarprocedure – zwaarder wegen dan het belang van de burgemeester. Dit betekent dat de woning niet mag worden gesloten totdat de burgemeester op het bezwaar heeft beslist.

Uitspraken

Meest gelezen berichten