Werkwijze en reglementen

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksOrganisatie > Ondernemingskamer > Werkwijze en reglementen

Verzoekschriftprocedures

Verzoekschriften, verweerschriften en de overige in het geding te brengen stukken worden in zevenvoud ingediend, door tussenkomst van een advocaat. Indien er meer dan één wederpartij is, worden er zoveel meer exemplaren ingediend als er meer wederpartijen zijn.
Ten aanzien van alle door partijen in te dienen stukken geldt het uitdrukkelijke verzoek deze niet in een ordner of ringband te voegen, maar in een snelhechter.

Het verzoekschrift bevat een duidelijke aanduiding van de naam en het adres van de verweerder(s) en de eventuele belanghebbende(n).

Bij het verzoekschrift worden de volgende stukken gevoegd:

  • actuele uittreksels uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel betreffende de verweerder(s) en, voor zover van toepassing, van eventuele belanghebbende(n);
  • in geval van een enquêteverzoek: een exemplaar van de vigerende statuten van de verweerder(s), en een genummerd overzicht van de bij het verzoekschrift gevoegde bijlagen.

Eventueel later over te leggen producties worden doorgenummerd op de oorspronkelijke nummering en voorzien van een cumulatief overzicht. Bij of spoedig na indiening van het verzoekschrift wordt, bij (fax)brief of e-mail, opgave gedaan van:

  • de bij de zaak betrokken accountant(s), en
  • de verhinderdata van (de advocaten van) de betrokken partijen.

Producties worden voorzien van tabbladen (bij voorkeur met een uitstekend gedeelte).
Niet uitgesloten kan worden dat, ondanks een opgegeven verhindering, op de desbetreffende dag de behandeling ter terechtzitting wordt bepaald.

 

Mondelinge behandeling

Na indiening van het verzoekschrift wordt een datum bepaald voor de mondelinge behandeling van het verzoek en vindt oproeping plaats door de griffier.

De behandeling van het verzoek vindt plaats ter terechtzitting van de Ondernemingskamer in het Paleis van Justitie aan IJdok 20 te Amsterdam. De Ondernemingskamer houdt zitting op de donderdag. In uitzonderlijke gevallen kan worden bepaald dat op een andere dag dan een donderdag zitting wordt gehouden. In de maand augustus zal er niet elke week een zitting plaatsvinden.

Tenzij anders wordt bepaald, geldt bij de mondelinge behandeling een spreektijd van 30 minuten per (cluster van) procespartij(en), exclusief re- en dupliek. De Ondernemingskamer stelt het op prijs indien partijen met gelijklopende belangen (cluster) hun betogen zoveel als mogelijk onderling afstemmen en overlapping vermijden. Afhankelijk van de agenda van de Ondernemingskamer kan de spreektijd (verder) worden beperkt.

In de regel wordt iedere week op deze website op de nieuwspagina bekendgemaakt welke zaken die week ter terechtzitting worden behandeld.

 

Indienen verweerschrift

De verweerder(s) en de (mogelijk) belanghebbende(n) kunnen voorafgaand aan de mondelinge behandeling – door tussenkomst van een advocaat – een verweerschrift indienen. Verweerschriften worden, tenzij anders wordt bepaald, uiterlijk drie weken vóór de mondelinge behandeling ter griffie van de Ondernemingskamer ingediend. Voor het overige wordt verwezen naar het

 

Spoedverzoeken

Bij spoedverzoeken dient de verzoeker de spoedeisendheid in een afzonderlijke begeleidende brief toe te lichten. Indien van spoedeisendheid voldoende gebleken is, zal de mondelinge behandeling spoedig – zo mogelijk zelfs de eerstvolgende donderdag - plaatsvinden. Verzoeken ingediend op maandag na 12.00 uur zullen in beginsel niet al diezelfde week mondeling behandeld worden. Voorafgaand overleg met de griffie van de Ondernemingskamer is bij spoedverzoeken noodzakelijk, mede omdat de gedingstukken in deze zaken (mogelijk) rechtstreeks moeten worden toegezonden aan de wederpartij(en) en aan de leden van de Ondernemingskamer die geen kantoor houden op het adres van de Ondernemingskamer.

 

Griffierecht

Het griffierecht voor een verzoekschriftprocedure bij de Ondernemingskamer bedraagt per 1 januari 2018 € 716 voor rechtspersonen en €318 voor natuurlijke personen.

 

Dagvaardingsprocedures

Dagvaardingsprocedures waarin de Ondernemingskamer beslist, worden aangebracht bij de eerste enkelvoudige burgerlijke kamer. Zie rolreglement.

 

Wenken voor uitkooprocedures

Preambule

In uitkoopzaken mist de Ondernemingskamer met enige regelmaat bepaalde stukken. Dat heeft tot gevolg dat er een tussenarrest moet worden gewezen en dat - daarmee - de doorlooptijd langer wordt of eiser(es) niet-ontvankelijk wordt verklaard. Dat kan worden voorkomen, in het belang van alle betrokkenen.

Over te leggen stukken

In uitkoopprocedures dient de eisende partij aan te tonen dat hij aan het kapitaal- en/of stemrechtvereiste (artikelen 2:92a lid 1, 2:201a lid 1 en 2:359c lid 1 BW) voldoet en de gezamenlijke andere aandeelhouders heeft gedagvaard. Met het oog op de (ambtshalve) toetsing door de Ondernemingskamer of aan deze vereisten is voldaan en een vlotte procedure, verdient het aanbeveling dat eiser(es) bij de dagvaarding (ten minste) de volgende stukken overlegt:

  • een exemplaar van de vigerende statuten van de doelvennootschap,
  • een uittreksel uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel betreffende de doelvennootschap;
  • (indien aanwezig) een uittreksel van het aandeelhoudersregister;
  • een verklaring van een notaris of een registeraccountant inhoudende dat uit door hem verricht onderzoek blijkt dat de uitkoper voldoet aan het kapitaalsvereiste (en voor zover van toepassing het stemrechtsvereiste) van art. 2:92a/201a/359c lid 1 BW. Uit deze verklaring moet blijken in hoeverre de gebruikte informatie is gecontroleerd en op welke wijze de opsteller van de verklaring tot zijn conclusie is gekomen. De peildatum voor de verklaring is in beginsel de datum van de dagvaarding.
  • indien de vordering is ingesteld door twee of meer aandeelhouders: een beredeneerde verklaring van een notaris of een registeraccountant inhoudende dat uit door hem verricht onderzoek blijkt dat uitkopers groepsmaatschappijen zijn; en, in het kader van de prijsbepaling:
  • een beredeneerde verklaring van een notaris of een registeraccountant inhoudende dat uit door hem verricht onderzoek blijkt op welk moment de uitkoper 95% van de aandelen in de doelvennootschap heeft verkregen.

Indien de vordering is gestoeld op artikel 2:359c BW is – in het kader van het prijsvermoeden – van belang dat de Ondernemingskamer tevens beschikt over door een notaris of registeraccountant geverifieerde gegevens aan de hand waarvan de Ondernemingskamer kan vaststellen:

  • welke (certificaten van) aandelen, behorende tot de aandelen (of certificaten) waarop het bod betrekking had, in de berekening van de acceptatiegraad van het bod betrokken dienen te worden (de noemer van de breuk)
  • welke door de uitkoper verworven (certificaten van) aandelen in de berekening van de acceptatiegraad van het bod dienen te worden betrokken (de teller van de breuk)

Voor nadere gezichtspunten bij de berekening van deze aantallen wordt verwezen naar hetgeen de Ondernemingskamer daartoe heeft overwogen in OK 4 april 2017, JOR 2017/162 en OK 25 juli 2017, JOR 2017/231 (Royal Reesink).

Procedureel

U wordt verzocht dagvaardingen, inclusief de producties, in zevenvoud in te dienen, met een genummerd overzicht van de bij de dagvaarding gevoegde producties. Eventueel later over te leggen producties worden doorgenummerd op de oorspronkelijke nummering en voorzien van een cumulatief overzicht.

Ten aanzien van alle door partijen in te dienen stukken geldt het uitdrukkelijke verzoek deze in een snelhechter te voegen (niet in een ordner of ringband).