Laden...

Ook in hoger beroep 10 jaar cel en tbs in Korrewegzaak

Dit is een afdruk van een pagina op Rechtspraak.nl. Kijk voor de meest actuele informatie op Rechtspraak.nl (http://www.rechtspraak.nl). Deze pagina is geprint op 01-01-1970.

Skip Navigation LinksGerechtshof Arnhem-Leeuwarden > Nieuws > Ook in hoger beroep 10 jaar cel en tbs in Korrewegzaak
Leeuwarden, 12 maart 2020

Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, locatie Leeuwarden, heeft vandaag in hoger beroep uitspraak gedaan in de Korrewegzaak. Het hof heeft verdachte, die aan de Korreweg in Groningen een willekeurige voorbijganger heeft beschoten, veroordeeld tot 10 jaar gevangenisstraf en hem tevens de maatregel van tbs met dwangverpleging opgelegd. De verdachte is ook veroordeeld voor bedreiging en geweld tegen zijn voormalige vriendin, een ramkraak in Zuidlaren en voor verboden wapenbezit. Het hof heeft tevens schadevergoeding toegewezen. De rechtbank (ECLI:NL:RBNNE:2018:4190) legde verdachte eerder dezelfde gevangenisstraf en tbs met dwangverpleging op. Aan een andere verdachte in de Korrewegzaak legt het hof een gevangenisstraf op voor hulp bij het ontlopen van opsporing.

De schietpartij

Op 15 oktober 2017 sprak verdachte samen met twee medeverdachten verschillende fietsers op de Korreweg aan, waaronder het slachtoffer. Nadat het slachtoffer weigerde ‘iets te gaan drinken’ met de verdachte, begonnen ze aan zijn fiets te trekken en hem te duwen en te slaan. Hierop heeft verdachte zijn revolver gepakt, meermalen op het slachtoffer geschoten en hem vervolgens zwaar gewond op het asfalt van de Korreweg achtergelaten. Het slachtoffer heeft aan de schietpartij onder meer ernstig blijvend letsel, te weten een hoge dwarslaesie, overgehouden. De door het slachtoffer ingediende vordering benadeelde partij is voor een groter deel dan in eerste aanleg toegewezen, te weten een bedrag van € 865.849,27.

Strafmotivering

Naar het oordeel van het hof rechtvaardigt het aantal feiten, maar in het bijzonder de grote ernst van het schieten op een willekeurige burger op de Korreweg, een langdurige gevangenisstraf naast de opgelegde tbs. Het hof neemt in aanmerking dat het leven van het slachtoffer na de schietpartij ingrijpend en
verstrekkend is veranderd. Hij is voor de rest van zijn leven gebonden aan een rolstoel en ervaart nog iedere dag angst, onzekerheid en andere psychische gevolgen. De lichamelijke integriteit en persoonlijke vrijheid van een volkomen willekeurig slachtoffer zijn op grove wijze geschonden. Het gebeurde heeft ook voor grote ophef in de buurt en in de maatschappij gezorgd. Met name het feit dat het gaat om een willekeurig slachtoffer heeft mensen veel schrik aangejaagd.

Oplegging maatregel tbs

In hoger beroep is verdachte opnieuw onderzocht in het Pieter Baancentrum (PBC). Bij de rechtbank heeft verdachte niet willen verklaren over de schietpartij aan de Korreweg. In hoger beroep heeft verdachte bekend dat hij de schutter was. Daarom heeft het hof bepaald dat verdachte nogmaals onderzocht moest worden. Verdachte wilde daar ook aan meewerken. Uit het rapport van het PBC komt naar voren dat in zijn jeugd meermaals sprake is geweest van contact met justitie en dat er sprake was van agressieve incidenten. Er zijn verschillende hulpverleningsinstanties bij verdachte betrokken geweest. De gedragsdeskundigen hebben stoornissen vastgesteld en er is sprake van recidivegevaar. Het hof neemt deze bevindingen over en acht het aannemelijk dat de stoornissen in beperkte zin hebben doorgewerkt in de geweldsdelicten.
Naar het oordeel van het hof brengt het onbehandeld laten van de stoornissen van verdachte een groot en onaanvaardbaar recidiverisico/gevaar voor herhaling met zich mee. Daarom legt het hof, naast de gevangenisstraf van 10 jaar, ook de maatregel van tbs met dwangverpleging op.

Veroordeling voor hulp bij ontlopen opsporing

Een andere verdachte in de Korrewegzaak werd er van verdacht dat hij de hoofdverdachte zou hebben geholpen zich schuil te houden en uit handen van de politie te blijven na het schietincident. Het hof acht hem, anders dan de rechtbank (ECLI:NL:RBNNE:2018:4192), wel schuldig. Hierbij heeft het hof acht geslagen op de filmpjes en vlogs, die door verdachte zijn gemaakt van de hoofdverdachte en de gesprekken die hierop te zien en te horen zijn. In deze filmpjes voedde de verdachte de hoofdverdachte op volstrekt ongepaste en smakeloze wijze in diens overtuiging om voortvluchtig te blijven. Daarnaast heeft verdachte bij de politie gelogen over zijn –destijds- recente contacten met de hoofdverdachte en de verblijfplaats van de hoofdverdachte. Het hof oordeelt dat gevangenisstraf de enige passende straf is.

Uitspraken

Meest gelezen berichten