Zutphen|

Duo vrijgesproken van oplichting en verduistering

De rechtbank spreekt een 38-jarige man en 40-jarige vrouw uit Duitsland vrij van oplichting en verduistering. De rechtbank kan in deze zaak niet vaststellen dat er sprake is van (een) oplichtingsmiddel(en) waardoor de benadeelden zouden zijn bewogen tot afgifte van een goed of geld.

De benadeelden betaalden geld voor materiaal en/of (hoveniers)werkzaamheden die niet, te laat, niet volledig of niet goed zijn geleverd of uitgevoerd. Ook huurde het duo een minikraan zonder alle facturen te betalen. Daarnaast ontving de man geld voor het verhuren van standplaatsen op een markt zonder dat die standplaatsen beschikbaar waren. In enkele gevallen gebruikte de man bij het aangaan van een overeenkomst een andere naam. De betalingen werden vaak voldaan op de bankrekening van een bedrijf dat op naam stond van de vrouw.

​Vrijspraak oplichting

Het niet op tijd of gedeeltelijk of niet goed nakomen van een overeenkomst kan civielrechtelijke wanprestatie opleveren. Voor oplichting in strafrechtelijke zin is meer nodig. De rechtbankRechtsprekend orgaan dat in eerste aanleg oordeelt over zaken zoals echtscheidingen, misdrijven, geldvorderingen, en de meeste bestuursrechtelijke geschillen. Ook wordt met het begrip rechtbank het gebouw aangeduid waarin de rechtbank zetelt. oordeelt dat in deze zaak het alleen gebruiken van een andere naam er niet toe leidt dat de benadeelden zijn overgegaan tot het aangaan van overeenkomsten en betalingen. Het dossier bevat onvoldoende bewijs dat het duo bij het aangaan van de overeenkomsten de opzet had om die overeenkomsten niet na te komen. Een deel van de overeenkomsten is namelijk wel nagekomen, maar soms is het werk niet goed uitgevoerd

​Vrijspraak verduistering

Ook vindt de rechtbank niet bewezen dat sprake is van verduistering. Op de man en de vrouw rust een verplichting om het ontvangen geld aan de benadeelden terug te betalen als er niet of onvoldoende is geleverd. Het niet voldoen aan die betalingsverplichting levert geen verduistering op. Daarvoor is nodig dat iemand zich geld van een ander toe-eigent. Die omstandigheid doet zich in deze zaak niet voor. Alle betalingen zijn door de benadeelden gedaan na een afspraak dat zij aan de man en de vrouw zouden betalen. Daarmee wordt het geld juridisch eigendom van de man en de vrouw, en is er geen sprake meer van toe-eigenen. 

​Benadeelden niet-ontvankelijk

Er meldden zich 11 benadeelden om hun schade te verhalen. Omdat de rechtbank tot vrijspraakBeslissing van de rechter als hij het tenlastegelegde feit niet wettig en overtuigend bewezen acht. komt zijn zij niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen. verklaard in hun vorderingen en kunnen zij hun schade alleen bij de burgerlijke rechter aanbrengen.