Regels en procedures CRvB

Onderstaande procedures en reglementen zijn specifiek voor de Centrale Raad van Beroep.

Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG)

Regeling verwerking persoonsgegevens bestuursrechtelijke colleges

1. Besluitvorming en advies

1.1 De voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraakRechtspraak die zich bezighoudt met geschillen over besluiten van een bestuursorgaan. De geschillen kunnen zich zowel tussen particulieren, organisaties en bestuursorganen als tussen bestuursorganen onderling afspelen. Bestuursrecht is de moderne benaming voor wat vroeger administratief recht heette. van de Raad van State (ABRvS) en de gerechtsbesturen van de Centrale Raad van Beroep (CRvB) en het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb) zijn verantwoordelijk voor de verwerking van persoonsgegevens die plaatsvindt in het kader van de afhandeling van (hoger) beroepen ingesteld bij de betrokken gerechten. 

1.2 Het is aan de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb als verwerkingsverantwoordelijke om te beslissen op verzoeken om toepassing van de in de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) genoemde privacy-rechten. 

1.3 De voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB en het CBb betrekken daarbij de functionaris voor gegevensbescherming (FG). 

1.4 Voor het indienen van AVG-verzoeken wordt op de website van de Raad van StateHoogste adviescollege van de staat dat adviseert over alle wetsontwerpen en algemene maatregelen van bestuur; de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beslist in hoogste instantie in geschillen over besluiten van overheidsorganen. respectievelijk de Rechtspraak een formulier ter beschikking gesteld. 

1.5 In de beslissing op het verzoek wordt melding gemaakt van de mogelijkheid daartegen een klacht in te dienen en op welke wijze dit dient te geschieden.

2. AVG-commissie bestuursrechtelijke colleges

2.1 De voorzitter van de ABRvS en de gerechtsbesturen van de CRvB en het CBb stellen gezamenlijk de AVG-commissie bestuursrechtelijke colleges (commissie) in.

3. Taak commissie

3.1 De commissie adviseert de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb over de afdoening van klachten ten behoeve van een (nadere) beslissing op het desbetreffende verzoek om toepassing van de in de AVG genoemde privacy-rechten. 

3.2 De commissie heeft daarbij tot taak te beoordelen of bij de verwerking van de persoonsgegevens van de klager inbreuk is gemaakt op de AVG. 

3.3 De commissie kan onderzoeken of aan de klacht op informele wijze tegemoet kan worden gekomen. 

3.4 De commissie kan aan de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb een algemeen advies uitbrengen over de wijze waarop persoonsgegevens worden verwerkt en daarover aanbevelingen doen. 

3.5 De commissie stelt een jaarverslag op, waarin melding wordt gemaakt van het aantal klachten, de aard van de klachten en de bevindingen van de commissie.

4. Samenstelling commissie

4.1 De commissie wordt samengesteld uit leden van de drie colleges. De voorzitter van de ABRvS en de gerechtsbesturen van de CRvB en het CBb wijzen ieder een lid en een plaatsvervangend lid aan. De leden zijn staatsraad respectievelijk (senior) raadsheerRechter bij het gerechtshof of de Hoge Raad. Ook een vrouwelijke raadsheer wordt raadsheer genoemd, want met een raadsvrouw/raadsman wordt een advocaat bedoeld..

5. Werkwijze commissie

5.1 Over klachten wordt geadviseerd door de commissie in enkelvoudige (één lid) of meervoudige samenstelling (drie leden). 

5.2 Klachten die kennelijk niet-ontvankelijkNiet vatbaar voor berechting. De niet-ontvankelijkheid wordt bepaald door de rechter. Een zaak is niet-ontvankelijk als het niet tot een inhoudelijke behandeling komt omdat er niet is voldaan aan formele vereisten. In het strafrecht kan ook het Openbaar Ministerie niet ontvankelijk zijn als bijvoorbeeld de opsporing en vervolging niet fatsoenlijk zijn verlopen., kennelijk ongegrond of kennelijk gegrond zijn, kunnen met een verkort advies en/of enkelvoudig worden afgedaan. Enkelvoudige afdoening geschiedt door een lid dat niet werkzaam is bij het gerecht waarop de klacht betrekking heeft.

5.3 De commissie stelt de betrokken verwerkingsverantwoordelijke in de gelegenheid schriftelijk op de klacht te reageren. De reactie wordt doorgezonden aan de klager. 

5.4 De commissie kan de klager horen op een hoorzittingMondelinge, vaak openbare gedachtewisseling over een rechtsgeschil die vooral is bedoeld om de behandelend rechter nadere informatie te verschaffen. of op andere wijze, zoals telefonisch. Als de klager wordt uitgenodigd voor een hoorzitting, wordt ook (een vertegenwoordiger van) de verwerkingsverantwoordelijke uitgenodigd. 

5.5 De commissie kan zich mondeling of schriftelijk laten informeren door de FG en/of deze om advies vragen. De commissie kan zich ook mondeling of schriftelijk laten informeren door de gezamenlijke FG's van de Rechtspraak, de Hoge RaadHoogste rechtscollege in Nederland. De Hoge Raad stelt niet meer zelf de feiten vast, maar bekijkt of de lagere rechter bij zijn beslissing het recht goed heeft toegepast., de Raad van State en het Openbaar MinisterieValt onder het ministerie van Justitie. Geeft leiding aan het opsporingsonderzoek van de politie en vervolgt de verdachten. en/of deze om advies vragen. 

5.6 De commissie kan schriftelijk informatie inwinnen bij de verwerkingsverantwoordelijke en bij degene(n) die de verwerking heeft/hebben uitgevoerd.

6. Klacht

6.1 De klacht wordt ingediend met gebruikmaking van een klachtformulier, dat op de website van de Raad van State respectievelijk de Rechtspraak ter beschikking1. In het bestuursrecht: Een beslissing van een overheidsorgaan in een concreet geval, bijvoorbeeld het verlenen van een bouwvergunning. 2. In het civiele recht: een rechterlijke uitspraak in een procedure die begint met een verzoekschrift. Een uitspraak in een procedure die begint met een dagvaarding, heet een vonnis. wordt gesteld. 

6.2 De klacht wordt ondertekend en bevat ten minste: - de naam en het adres van de klager, - de dagtekening, - een omschrijving van de klacht over de verwerking van persoonsgegevens, en - de redenen waarom de klager meent dat een of meer van zijn in de AVG genoemde privacy-rechten is/zijn of wordt/worden geschonden. 

6.3 Bij de klacht wordt zo mogelijk overgelegd de beslissing van de verwerkingsverantwoordelijke waarop de klacht betrekking heeft. 

6.4 De klager kan worden gevraagd aan te geven wat hij met de klacht wil bereiken.

7. Advies en de (nadere) beslissing

7.1 De commissie adviseert de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb schriftelijk. 

7.2 Indien een hoorzitting is gehouden of de klager op een andere manier is gehoord, gaat het advies vergezeld van een verslag van het horen.

7.3 De commissie brengt haar advies uit uiterlijk drie maanden na de dag waarop de klacht is binnengekomen. 

7.4 Indien de (nadere) beslissing van de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb afwijkt van het advies van de commissie, wordt in de beslissing de reden voor afwijking vermeld. 

7.5 Het advies wordt aan de klager bekendgemaakt uiterlijk bij toezending van de (nadere) beslissing van de voorzitter van de ABRvS dan wel het gerechtsbestuur van de CRvB of het CBb. 

8. Slotbepalingen

8.1 Deze regeling wordt gepubliceerd op de website van de Raad van State respectievelijk van de Rechtspraak. Tevens wordt openbaar gemaakt welke (plaatsvervangende) leden deel uitmaken van de commissie. 

8.2 Deze regeling is vastgesteld door de voorzitter van de ABRvS en de gerechtsbesturen van de CRvB en het CBb op 31 mei 2018. 

8.3 Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 2018 en werkt terug tot en met 25 mei 2018. 

8.4 Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling verwerking persoonsgegevens bestuursrechtelijke colleges.

Klacht op basis van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (pdf, 256 KB)

Adviezen AVG-commissie