Besluiten Wet open overheid 2026

Op deze pagina vindt u informatie die de Raad voor de rechtspraak en het College van afgevaardigden op basis van de Wet open overheid (Woo) op verzoek openbaar heeft gemaakt. Dit heet passieve openbaarmaking.

Toelichting

Alle Woo-verzoeken waarover een besluit is genomen, zijn hier gepubliceerd. U vindt het besluit en eventuele bijlagen, zoals een totaalbestand met openbaargemaakte documenten.

Besluiten Wet open overheid 2026

17 februari 2026 - werkwijze zogenaamde risicozittingen

(geanonimiseerd)

Uitsluitend per e-mail

datum: 17 februari 2026
ons kenmerk: (geanonimiseerd)    
onderwerp: Woo-besluit 2026-005

 

Geachte (geanonimiseerd),

Bij uw mailbericht van 29 januari 2026 heeft u de Raad voor de rechtspraak (de Raad) verzocht, met een beroep op de Wet open overheid (Woo), informatie te verstrekken over het beleid en de werkwijze inzake de zogenaamde “risicozittingen”. 

Op 3 februari 2026 heb ik de ontvangst van uw verzoek bevestigd. Met deze brief wordt op uw verzoek beslist. 

Besluit

Ik wijs uw verzoek af. Deze afwijzing wordt hieronder nader gemotiveerd.

Vooraf wil ik het volgende onder uw aandacht brengen. De Raad speelt geen rol bij het kwalificeren van zittingen als een “risicozittingen”.  Dit is een primaire verantwoordelijkheid van de gerechtsbesturen. 

Er zijn twee documenten aangetroffen die betrekking hebben op uw verzoek. Het eerste document “Minimumnorm Uitwijk van risicovolle zittingen”, definieert het begrip risicovolle zittingen en beschrijft de procedure voor het uitwijken naar een Hoogbeveiligde Zittingslocatie en onder welke omstandigheden dat wenselijk is. Daarnaast is informatie opgenomen over de bevoegdheden en de rolverdeling binnen deze processen. Het document bevat tevens informatie over de gehanteerde dreigingsniveaus.
Het tweede document “Checklist Risicovolle zittingen in het eigen gerechtsgebouw”, is gericht op het inventariseren van risico’s en het verkrijgen van relevante informatie om een zitting te kwalificeren als risicozitting en om in kaart te brengen welke ketenpartners betrokken (moeten) zijn. Dit document is uitsluitend bedoeld voor gebruik door de beveiligingscoördinatoren ter voorbereiding op een risicovolle zitting.

Ik maak beide documenten niet openbaar. De documenten bevatten, zoals aangegeven, gedetailleerde informatie over de wijze waarop extra beveiligde zittingszalen worden toegewezen aan risicovolle (straf)processen. Daarnaast zijn gegevens opgenomen over de maatregelen die in zittingslocaties kunnen worden getroffen en over de noodzakelijke faciliteiten. Ik acht verstrekking van informatie over de veiligheidsprocedures binnen de gerechtsgebouwen onwenselijk. Openbaarmaking van deze gegevens zou de veiligheid van medewerkers en overige procesdeelnemers in gevaar kunnen brengen. Het belang van openbaarmaking van deze gevoelige gegevens weegt niet op tegen het belang van het waarborgen van de veiligheid van de procesdeelnemers tijdens de behandeling van zaken.

Gelet op de aard en de vertrouwelijke inhoud van de stukken beroep ik mij op twee uitzonderingsgronden uit de Woo, namelijk artikel 5.1 lid 1 sub b (veiligheid van de Staat) en artikel 5.1 lid 2 sub i (beschermen van het goed functioneren van de Staat). 

De wetgever heeft de “veiligheid van de Staat” ruim opgevat. Het begrip ziet volgens de geconsolideerde toelichting op “de bescherming van de democratische rechtsorde, zowel voor wat betreft de instituties als de daarbij betrokken personen, gebouwen en goederen.61 Bij informatie die de veiligheid van de Staat zou kunnen schaden gaat het dan voornamelijk om informatie waarvan de geheimhouding van vitaal belang is voor de instandhouding en het ononderbroken functioneren van onderdelen van de democratische rechtsorde die essentieel zijn voor het maatschappelijk leven”.

Bezwaar

Tegen dit besluit kunt u binnen zes weken na de datum boven dit besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet door u als indiener zijn ondertekend en bevat ten minste uw naam en adres, de datum, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt en de reden(en) waarom u vindt dat het besluit niet klopt. Dit, door u ondertekende bezwaarschrift, kunt u inscannen en digitaal versturen aan: woo@rechtspraak.nl- U verlaat Rechtspraak.nl of per post aan: Raad voor de rechtspraak, bezwaar Woo-besluit, postbus 90613, 2509 LP Den Haag.

Een kopie van het onderhavige Woo-besluit en de bijbehorende documenten zullen geanonimiseerd op onze website worden geplaatst.

Hoogachtend,

De Raad voor de rechtspraak
Namens deze,

O.F.J. Welling
directeur

16 februari 2026 - informatie over (vermeend) datalek informatie strafdossier

(geanonimiseerd)
Uitsluitend per e-mail

datum: 16 februari 2026
ons kenmerk: (geanonimiseerd)        
onderwerp: Woo-besluit 2026-004
 

Geachte (geanonimiseerd),

Bij uw mailbericht van 27 januari 2026 heeft u de Raad voor de rechtspraak (de Raad) verzocht om informatie te verstrekken over het (vermeende) datalek van informatie uit het strafdossier van de door u genoemde verdachte. Met dit verzoek beoogt u duidelijkheid te krijgen over de organisatie, de naleving van privacy- en beveiligingsverplichtingen en de verantwoording daarover richting de samenleving.

Aan uw verzoek heeft u de Wet open overheid (Woo) ten grondslag gelegd. Op 2 februari 2025 heb ik de ontvangst van uw verzoek bevestigd. 

Met deze brief wordt op uw verzoek beslist. 

Besluit

Ik kan uw verzoek niet inwilligen. Er zijn namelijk geen documenten bij de Raad aangetroffen die betrekking hebben op (een datalek uit) het genoemde strafdossier. Dit besluit licht ik hieronder toe. 

Meer in het algemeen wijs ik u er op dat de Woo geen betrekking heeft op de gerechten, maar alleen op de Raad voor de rechtspraak en de daaronder vallende (landelijke) diensten.

Daarnaast kan ik u het volgende melden. De Rechtspraak kent drie toezichthoudende autoriteiten. Om de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht bij de uitoefening van haar rechterlijke taken te waarborgen, heeft de AVG een uitzondering gemaakt ten behoeve van het rechterlijk domein. De bevoegdheid van de Autoriteit Persoonsgegevens (AP) strekt zich niet uit over de verwerking van persoonsgegevens door gerechten in het kader van hun gerechtelijke taken. Het toezicht van de AP is voor wat betreft de gerechten dus beperkt tot de bedrijfsvoering.
De gerechten en het parket bij de Hoge Raad hebben er voor gekozen om het toezicht op de verwerking van persoonsgegevens in de rechtspraak toe te vertrouwen aan de door hen aangewezen functionarissen voor gegevensbescherming en de procureur-generaal bij de Hoge Raad. Indien bij de gerechten (rechtbanken, gerechtshoven en Hoge Raad) of bij het parket bij de Hoge Raad een datalek plaatsvindt dat de gerechtelijke taak betreft, dient derhalve een melding gemaakt te worden bij de PG bij de Hoge Raad.
De PG bij de Hoge Raad houdt geen toezicht op de verwerking van persoonsgegevens door de hoogste bestuursrechtelijke colleges (Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Centrale Raad van Beroep en het College van Beroep voor het bedrijfsleven). De toezichthoudende taak is neergelegd bij de leiding van de afzonderlijke gerechten, geadviseerd door de AVG-commissie bestuursrechtelijke colleges. 

De Raad voor de Rechtspraak is verantwoordelijk voor het melden van inbreuken op beveiligingsmaatregelen bij de landelijke diensten en de Raad. De datalekken bij de gerechten worden rechtstreeks door de gerechten bij de procureur-generaal (of andere toezichthoudende autoriteit) gemeld. Een aantal gerechten neemt de Raad mee in cc, maar dat is nog niet overal gebruikelijk. De Raad ontvangt in dergelijke gevallen geen persoonsgegevens van betrokkenen.
Naar aanleiding van uw verzoek heb ik navraag gedaan bij de Functionaris Gegevensbescherming van de Raad. Het is gebleken dat de Raad geen informatie heeft ontvangen over de door u genoemde kwestie. Omdat de gerechten niet onder de Woo vallen, kan ik geen informatie bij de gerechten vorderen ter beantwoording van uw verzoek.

Tenslotte wil ik u erop wijzen dat de Raad eerder een aantal documenten die betrekking hebben op het privacybeleid openbaar heeft gemaakt naar aanleiding van Woo-verzoeken. Deze documenten kunt u raadplegen via:

Bezwaar

Tegen dit besluit kunt u binnen zes weken na de datum boven dit besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet door u als indiener zijn ondertekend en bevat ten minste uw naam en adres, de datum, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt en de reden(en) waarom u vindt dat het besluit niet klopt. Dit door u ondertekende bezwaarschrift kunt u inscannen en digitaal versturen aan: woo@rechtspraak.nl- U verlaat Rechtspraak.nl of per post aan: Raad voor de rechtspraak, bezwaar Woo-besluit, postbus 90613, 2509 LP Den Haag.

Hoogachtend,

De Raad voor de rechtspraak
Namens deze, 

O.F.J. Welling
Directeur

23 januari 2026 - Koninklijke Besluiten benoeming leden Raad voor de rechtspraak

Woo-besluit over Koninklijke Besluiten die ten grondslag liggen aan de benoeming van de leden van de Raad, en de door hen afgelegde eed of belofte

21 januari 2026 - gedragsregels nevenbetrekkingen rechters

(geanonimiseerd)

Uitsluitend per e-mail:

datum: januari 2026
ons kenmerk:        
onderwerp: Woo-besluit 2026-002
 

Geachte (geanonimiseerd), 

Bij e-mailbericht van 8 januari 2026 heeft u de Raad voor de rechtspraak (de Raad) verzocht om documenten openbaar te maken die betrekking hebben op de gedragsregels inzake nevenbetrekkingen van rechters. Uw verzoek is gebaseerd op de Wet open overheid (Woo).

Met deze brief wordt op uw verzoek beslist.

Besluit

Ik wijs uw verzoek af. Deze beslissing wordt hieronder toegelicht.

De gedragsregels met betrekking tot nevenbetrekkingen van rechters zijn reeds openbaar en te raadplegen via algemeen toegankelijke bronnen. Op informatie die al van overheidswege openbaar is gemaakt, is de Woo niet van toepassing. Overeenkomstig artikel 4.5, tweede lid, van de Woo verwijs ik u daarom naar de vindplaats van deze documenten.
 

Bij het besluit van 6 november 2025 heeft de Raad nog twee documenten openbaar gemaakt. Deze documenten kunt u raadplegen via  Besluiten Wet open overheid 2025.
 
Beroepsgegevens en nevenbetrekkingen van rechters in Nederland zijn reeds openbaar en te raadplegen via het nevenfunctieregister op rechtspraak.nl- U verlaat Rechtspraak.nl. U kunt daar eenvoudig de nevenfuncties van een specifieke rechter opzoeken.

De Raad is niet verantwoordelijk voor het bijhouden en actualiseren van het nevenfunctieregister. Dit valt onder de taken van de gerechtsbesturen. Rechters moeten zelf een wijziging in hun nevenbetrekking zo spoedig mogelijk melden. Ik verwijs u naar artikel 44 lid 5 en artikel 44a lid 2 van de Wet rechtspositie rechterlijke ambtenaren, waarin is bepaald dat rechterlijke ambtenaren hun nevenfuncties dienen te melden aan de functionele autoriteit (lees: het gerechtsbestuur). Het gerechtsbestuur draagt zorg voor het bijwerken van het nevenfunctieregister (1 keer per jaar). Zes jaar nadat de nevenbetrekking is geëindigd, toont het register deze niet meer.


Bezwaar 

Tegen dit besluit kunt u binnen zes weken na de datum boven dit besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet door u als indiener zijn ondertekend en bevat ten minste uw naam en adres, de datum, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt en de reden(en) waarom u vindt dat het besluit niet klopt. Dit door u ondertekende bezwaarschrift kunt u inscannen en digitaal versturen aan: woo@rechtspraak.nl- U verlaat Rechtspraak.nl of per post aan: Raad voor de rechtspraak, bezwaar Woo-besluit, postbus 90613, 2509 LP Den Haag.

Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. 

De Raad voor de rechtspraak
Namens deze,

O.F.J. Welling
directeur

1 januari 2026 - toepassing van o.a. het VN-verdrag Handicap

(geanonimiseerd)

Uitsluitend per e-mail:

datum: 9 januari 2026
ons kenmerk: (geanonimiseerd)
onderwerp: (geanonimiseerd)

 

Geachte (geanonimiseerd), 

Bij uw mailbericht van 22 november 2025 heeft u de Raad voor de rechtspraak (de Raad), met een beroep op de Wet open overheid (Woo), verzocht informatie openbaar te maken over diverse onderwerpen, waaronder de toepassing van het VN-verdrag Handicap (CRPD) door de Rechtspraak, de toepassing van de artikelen 93 en 94 van de Grondwet door rechters, alsmede discriminatie en onbewuste vooringenomenheid binnen de Rechtspraak.

Op 27 november 2025 heb ik de ontvangst van uw verzoek bevestigd. Op 6 januari 2026 heb ik u verwezen naar reeds openbare informatie over de digitale en fysieke toegankelijkheid van de Rechtspraak voor mensen met een beperking. Op dezelfde dag heeft u aangegeven dat ik uw verzoek te beperkt heb geïnterpreteerd. In dit kader heeft u uw verzoek nader toegelicht en aangegeven dat het betrekking heeft op beleidsmatige en juridische documenten, waaronder beleidsstukken, interne memo’s, juridische analyses, werkinstructies, evaluaties en signaleringsrapportages, met name met betrekking tot:

  • de toepassing van verdragsrecht binnen de rechtspraak;
  • de toepassing van artikelen 93 en 94 van de Grondwet;
  • beleid en instructies over verdragsconforme interpretatie;
  • kwaliteitsbewaking van het tuchtrecht in relatie tot verdragsrecht;
  • klachten of signalen dat verdragsrecht niet of onvoldoende wordt toegepast.

Met deze brief wordt op uw verzoek beslist.  

Besluit

Ik kan uw verzoeken niet inwilligen. Deze overweging zal ik hieronder toelichten.

Na de verduidelijking van uw verzoek heb ik intern nagegaan of de Raad beschikt over stukken die betrekking hebben op uw verzoek. In dit kader heb ik het verzoek uitgezet bij de afdeling Strategie van het Bureau Raad. Gebleken is dat er geen relevante stukken bij de Raad berusten. Deze uitkomst is ook verklaarbaar, aangezien de aangelegenheden waarop het verzoek ziet niet tot de taken van de Raad behoren. De Raad mag zich niet bemoeien met de wijze waarop rechters zaken beoordelen, waaronder de toetsing aan verdragen. In dit kader verwijs ik u naar artikel 91 van de Wet op de rechterlijke organisatie, waarin de taken van de Raad zijn vastgelegd.

De door u gevraagde documenten, voor zover deze aanwezig zijn, berusten bij de vakinhoudelijke overlegorganen. Deze overlegorganen bestaan uit vertegenwoordigers van de gerechten en vallen buiten het toepassingsbereik van de Woo. De wetgever heeft het rechterlijk domein expliciet uitgezonderd van de Woo. Dit blijkt uit de wetsgeschiedenis: 

“De rechterlijke macht wordt niet onder het toepassingsbereik van de Woo gebracht”. 

De Woo is uitsluitend van toepassing op de Raad voor de rechtspraak (en de daaronder vallende landelijke diensten) en het College van Afgevaardigden. Documenten die uitsluitend bij de overlegorganen berusten (en dus niet zijn gedeeld met de Raad of diens landelijke diensten) vallen buiten de reikwijdte van de Woo. 

Bezwaar 

Tegen dit besluit kunt u binnen zes weken na de datum boven dit besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet door u als indiener zijn ondertekend en bevat ten minste uw naam en adres, de datum, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt en de reden(en) waarom u vindt dat het besluit niet klopt. Dit door u ondertekende bezwaarschrift kunt u inscannen en digitaal versturen aan: woo@rechtspraak.nl- U verlaat Rechtspraak.nl of per post aan: Raad voor de rechtspraak, bezwaar Woo-besluit, postbus 90613, 2509 LP Den Haag.

Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. 

De Raad voor de rechtspraak
Namens deze,

O.F.J. Welling
directeur

Heeft u een vraag?

Voor meer informatie of hulp, bezoek de contactpagina. Daar vindt u antwoorden op veelgestelde vragen en informatie over hoe u ons kunt bereiken.