(geanonimiseerd)
Uitsluitend per e-mail:
datum: 9 januari 2026
ons kenmerk: (geanonimiseerd)
onderwerp: (geanonimiseerd)
Geachte (geanonimiseerd),
Bij uw mailbericht van 22 november 2025 heeft u de Raad voor de rechtspraak (de Raad), met een beroep op de Wet open overheid (Woo), verzocht informatie openbaar te maken over diverse onderwerpen, waaronder de toepassing van het VN-Verdrag Handicap (CRPD) door de Rechtspraak, de toepassing van de artikelen 93 en 94 van de Grondwet door rechters, alsmede discriminatie en onbewuste vooringenomenheid binnen de Rechtspraak.
Op 27 november 2025 heb ik de ontvangst van uw verzoek bevestigd. Op 6 januari 2026 heb ik u verwezen naar reeds openbare informatie over de digitale en fysieke toegankelijkheid van de Rechtspraak voor mensen met een beperking. Op dezelfde dag heeft u aangegeven dat ik uw verzoek te beperkt heb geïnterpreteerd. In dit kader heeft u uw verzoek nader toegelicht en aangegeven dat het betrekking heeft op beleidsmatige en juridische documenten, waaronder beleidsstukken, interne memo’s, juridische analyses, werkinstructies, evaluaties en signaleringsrapportages, met name met betrekking tot:
– de toepassing van verdragsrecht binnen de rechtspraak;
– de toepassing van artikelen 93 en 94 van de Grondwet;
– beleid en instructies over verdragsconforme interpretatie;
– kwaliteitsbewaking van het tuchtrecht in relatie tot verdragsrecht;
– klachten of signalen dat verdragsrecht niet of onvoldoende wordt toegepast.
Met deze brief wordt op uw verzoek beslist.
Besluit
Ik kan uw verzoeken niet inwilligen. Deze overweging zal ik hieronder toelichten.
Na de verduidelijking van uw verzoek heb ik intern nagegaan of de Raad beschikt over stukken die betrekking hebben op uw verzoek. In dit kader heb ik het verzoek uitgezet bij de afdeling Strategie van het Bureau Raad. Gebleken is dat er geen relevante stukken bij de Raad berusten. Deze uitkomst is ook verklaarbaar, aangezien de aangelegenheden waarop het verzoek ziet niet tot de taken van de Raad behoren. De Raad mag zich niet bemoeien met de wijze waarop rechters zaken beoordelen, waaronder de toetsing aan verdragen. In dit kader verwijs ik u naar artikel 91 van de Wet op de rechterlijke organisatie, waarin de taken van de Raad zijn vastgelegd.
De door u gevraagde documenten, voor zover deze aanwezig zijn, berusten bij de vakinhoudelijke overlegorganen. Deze overlegorganen bestaan uit vertegenwoordigers van de gerechten en vallen buiten het toepassingsbereik van de Woo. De wetgever heeft het rechterlijk domein expliciet uitgezonderd van de Woo. Dit blijkt uit de wetsgeschiedenis:
“De rechterlijke macht wordt niet onder het toepassingsbereik van de Woo gebracht”.
De Woo is uitsluitend van toepassing op de Raad voor de rechtspraak (en de daaronder vallende landelijke diensten) en het College van Afgevaardigden. Documenten die uitsluitend bij de overlegorganen berusten (en dus niet zijn gedeeld met de Raad of diens landelijke diensten) vallen buiten de reikwijdte van de Woo.
Bezwaar
Tegen dit besluit kunt u binnen zes weken na de datum boven dit besluit een bezwaarschrift indienen. Het bezwaarschrift moet door u als indiener zijn ondertekend en bevat ten minste uw naam en adres, de datum, een omschrijving van het besluit waartegen u bezwaar maakt en de reden(en) waarom u vindt dat het besluit niet klopt. Dit door u ondertekende bezwaarschrift kunt u inscannen en digitaal versturen aan:
woo@rechtspraak.nl of per post aan: Raad voor de rechtspraak, bezwaar Woo-besluit, postbus 90613, 2509 LP Den Haag.
Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.
De Raad voor de rechtspraak
Namens deze,
O.F.J. Welling
directeur